Psychotherapeutische dagbehandeling , een verslag
Voorwoord:
Het verslag in telegramstijl is geschreven door Vincent, een man van begin veertig met als indicatie voor deelname een belemmerde sociaal-emotionele ontwikkeling.
Hij gebruikt de ik-vorm als het over hem gaat en de gebeurtenissen worden verteld vanuit zijn perspectief.
In de cursieve (blauwe) gedeelten staan zijn eigen overpeinzingen die niet als zodanig in de groep zijn uitgesproken. Hij heeft het hele behandeljaar gevolgd en het eerste half jaar vastgelegd.
Namen en plaatsen zijn gefingeerd. Er is een selectie gemaakt uit het oorspronkelijke verslag waardoor niet alles van een therapie-week de revue passeert.
Psychotherapeutisch Dagcentrum
In het centrum werken psychologen, sociotherapeuten, een creatieve therapeut, een motorische therapeut en een therapeut dramatische expressie. Aan het hoofd staat een psychiater.
Het centrum behandelt mensen die in hun leven zijn vastgelopen. Behandelduur: zes maanden vier dagen per week en vervolgens zes maanden twee dagen per week. Een behandeldag duurt van negen tot circa vijf.
Er zijn twee A-groepen en twee B-groepen. In de A-groepen wordt er veel gepraat en neemt de ratio een belangrijke plaats in. In de B-groepen is het gevoel meer leidinggevend en is er nog een band met de PAAZ.
Introductie: drie dagen verdeeld over drie weken. Voorafgaand: twee intakegesprekken.
Introductiedagen
Er heerst een open en gemoedelijke sfeer in het centrum voor dagbehandeling.
Hoge eisen stel ik aan mensen. Aan autoriteiten maar ook aan gewone mensen. Ik zal mijn eisen of verwachtingen moeten terugschroeven tot menselijke proporties. In de A-groep met een B-team.
Geen oordeel, meer een nuchtere constatering en vermoedelijk wat voorbarig.
Middagpauze (12:15-13:45)
Verpleegkundige in opleiding volgt de dagbehandeling voor de vierde maand. Henna-rode vlechtjes met kleurige kraaltjes bengelen vrolijk voor haar gezicht. Ze heeft kleine voeten en is dichtbij.
Het eetmeisje pauzeert tussen de beesten. Het is de jonge vrouw die zich tegelijk met mij bij het loket meldde, ze heeft een eetstoornis.
Ín haar voeren afstand en nabijheid oorlog. De afstand wint, maar niet overdreven.
Sportleraar komt wat bedreigend mijn hoofd binnen. Waardes worden gewogen.
Creatieve therapie
Vingers in waterverf. Mensen zijn streng voor zichzelf. Tegenzin ontlaadt zich in huilen.
“Waarom zeg je dan niet: rot op met je potjes verf Berry!”
“Ik wist je voornaam niet meer”, huilt ze. We lachen.
“Altijd moet ik iets doen wat ik niet wil.”
“En gewoon doen wat je wel wilt?”
“Ja, dan moet je wel weten wat je wilt.”
Waaraan ontleen jij je waarde? , staat er op het bord van de A-groep.
De werkdoelen van het meisje met de eetstoornis:
- Me losser en vrijer voelen in de persoonlijke omgang met mensen, minder stug en minder serieus vooral in de niet-zakelijke sfeer.
- Vrijer met eten en met m’n lichaam omgaan. Voelen dat het goed voor m’n lichaam is als ik wat aankom. Voelen waar ik trek in heb en hoeveel eten mijn lichaam nodig heeft.
- Meer plezier in m’n leven hebben, meer van dingen kunnen genieten.
- Weer gaan werken.
Waar ze werkt en wat voor werk ze doet ? Dat wilt ze niet zeggen.
Ze gebruikt haar handen om haar woorden te onderstrepen en draagt zwarte kousen in bruine schoenen. Haar voeten lijken een paar maten kleiner dan haar handen.
Na het uiten van haar werkdoelen snakt ze naar lucht of naar een sigaret en begint ze te huilen.
Het was moeilijk voor haar dit zo te zeggen. ”Goed zo!” raak ik haar even aan, en therapeut Gérard geeft haar ook een compliment.
1e Week van het behandeljaar
maandag
Afsluiting (het laatste dagelijkse onderdeel)
Vivian, het meisje met de eetstoornis, komt betraand binnen. Ze moet mee-eten met de groep is haar zojuist gezegd.
Zij was er van overtuigd dat ze in haar eigen tempo daar naar toe mocht werken. De laatste paar jaar is het eten voor haar een obsessie geworden.
Ze moet, in afzondering, zichzelf telkens weer tot de orde roepen om een afgepaste hoeveelheid eten naar binnen te werken, drie keer per dag.
Zevenenveertig kilo weegt ze. Sámen eten kan ze al helemaal niet. Ze heeft er maanden over gedaan om aan een groep te durven deelnemen.
De leiding is onverbiddelijk: mee-eten of een andere therapie zoeken.
dinsdag
Sociotherapie / groepswerk (Socio)
Alles wat zich binnen de groep afspeelt, tussen de groepsleden onderling en tussen de groepsleden en de therapeuten, kan hier aan bod komen.
Ook de functies van de groep komen aan de orde: de band, sfeer, feedback.
Middagpauze
Vivian, het eetmeisje, werkt haar boterhammen naar binnen. Niemand besteedt er aandacht aan. Dapper vind ik het van haar.
Als ik haar later zeg dat het toch is gegaan ontkent ze dit enigszins. Mij is niet duidelijk wat ze bedoelt. Heeft ze het eten meteen weer uitgebraakt? Of kan ze dit niet lang volhouden?
Ze wilt er niet over praten. Ik zie wel verdriet dat drukt.
woensdag
Psychotherapie (Psycho)
Merel vertelt expressief dat de hulpverlening haar strot uitkomt. Vanaf haar veertiende – “Ik ben niet weggelopen, ik kwam niet meer terug” - staat ze onder het gezag van de hulpverlening, in juli wordt ze achttien.
Als ze stopt met de dagbehandeling moet ze een baantje gaan zoeken.
Middagpauze
Vivian heeft een aanloop nodig om haar brood te kunnen opeten. Waarschijnlijk moet ze zich helemaal van haar omgeving afsluiten en is er een soort van ritueel rondom.
Tijdens haar eetstrijd wordt ze enkele malen gestoord door medewerkers van de administratie.
Ze wilt alléén gaan wandelen, zegt ze in de hal. “Ik weet niet of ik je aan mag spreken of dat ik met een boog om je heen moet”, reageer ik. “Je zit wél in een groep,” voeg ik er aan toe.
De Buitenactiviteit (BAC) voert ons naar een museum.
Rimke vertelt onderweg dat ze een aantal slaapkuren achter de rug heeft en dat ze vanuit de PAAZ in het dagcentrum is beland.
Na vier weken huilen en niks durven zeggen komt ze nu los en gaan de dingen beter, ook thuis. Ik ervaar haar als een rustpunt in de groep.
donderdag
Weg-leren is een onderdeel zonder begeleiding erbij. Daarbij draagt een groepslid kennis en ervaring over. De sfeer voelt minder geladen.
Hilde kan aan de hand van een reis naar Engeland vertellen over haar moeder. Ze laat foto’s zien van haar moeder, die een week geleden is overleden.
Het is het rouwproces dat op gang komt middels Weg-leren. Ze had een sterke band met haar moeder. Op deze manier kennis overdragen is zeer laagdrempelig en veilig.
Thema
In dit onderdeel komt één thema aan bod. Twee sociotherapeuten begeleiden en geven soms individuele adviezen.
Middagpauze
De grootste strijd lijkt Vivian te voeren vóór ze haar boterham uitpakt en opeet. Met de handen voor haar ogen buigt ze haar hoofd tot vlakbij het bordje. In die positie blijft ze een tijdje.
Daarna pakt ze een boterham uit, kijkt er een poosje naar, pakt ‘m met twee handen vast en neemt er een hapje van. Alles met grote concentratie en zonder geluid.
Ze heeft twee dubbele boterhammen en een bekertje drinken.
Een kleine drie kwartier doet ze erover om alles naar binnen te krijgen. Ze lijkt enigszins in trance en het gebeuren heeft iets weg van een ritueel.
Mijn observaties zijn bij benadering. Ik durf maar af en toe even te kijken. Ik denk dat ze het onrustig vindt aan tafel.
Afsluiting van de week
Monica is bang dat ze haar vriendje verliest als ze zichzelf laat zien zoals ze is.
Merel overlegt met haar voogd om te stoppen met het dagcentrum.
2e Week
maandag
Weekend & week
Monica is zaterdagavond uitgegaan. Ze voelde zich niet fijn bij al die housemuziek. Naar huis. Dingen opschrijven. Ze raakt in de war en begint in zichzelf te snijden.
Volgende dag tegen haar vriend verteld. Vriend raakt ook in de war, maar dan anders. Hij gaat aan de andere kant van de kamer zitten en weet geen raad met de situatie.
Waar ze grote behoefte aan heeft op dat moment is troost, een omhelzing, meevoelen.
Dat alles blijft uit en zorgt voor een teleurstelling.
Mocht er nog eens iets dergelijks gebeuren dan zegt ze het misschien niet meer. Ze huilt.
Hetty had zondagavond een plotseling opkomend verlangen naar de dood. Het verlangen kent ze al van daarvóór. Het heeft iets te maken met teleurgesteld worden in haar verwachtingen.
Merel stopt binnenkort. Ze heeft hier niks aan.
Weg-leren
Afstudeeropdracht modevakschool van Monica. Zelfontworpen stoffen-dessins.
Op zigeuners geïnspireerde ontwerpen. Ze is in een woonwagen geboren en voelt zich sterk tot zigeuners aangetrokken.
Eerst de oriëntatie, dan de vormen, daarna de kleuren en tenslotte het zelf bedrukken van de stoffen middels zeefdruk.
Ik vind haar vindingrijk in vormen. Ze gebruikt frisse en felle kleuren.
Psycho
Lies is de nieuwe psycholoog-psychotherapeute. Ze wilt graag weten wie iedereen is.
Rimke: Gevoelens van minderwaardigheid, verlegen, onzeker. Twee sluimerkuren, zes weken PAAZ'*. Op het moment depressief. Rimke is juf op een basisschool.
Yvette: Faalangst belet haar de opleiding Industriële Vormgeving af te maken.
Hetty: Eerste vier jaar van haar leven in een tehuis voor ongehuwde moeders. Ze denkt dat ze ongewenst was.
Merel: Vaak verhuisd. Op haar veertiende uit huis. Begeleid wonen, nu bij een maatschappelijk werkster.
Bardo: Werk belangrijk. Verkoopt computers. Kan zo weer aan de slag in Taiwan maar sleept zichzelf mee. Niet aardig genoeg voor zichzelf.
Karla: Contact krijgen met haar gevoelens en die uiten.
Monica: Geen behoefte iets persoonlijks te vertellen nu.
Vivian: Eet- en contactproblemen.
Ik: Isolement. Omgaan met mensen geeft spanning.
Lies neemt alle tijd en stelt nieuwsgierige vragen.
In de pauze, eerder op de dag, vertelt Rimke over het snijden in haar pols. Glas kapot gooien. Scherf pakken. Krassen. Afgevoerd naar het ziekenhuis voor een sluimerkuur van twee weken (pillen).
“Je staat naar jezelf te kijken als je dat doet.”
Merel vertelt de hare. Een flinke hoop pillen. Ze moesten haar van de grond rapen ergens op een station. Maag leeggepompt.
Praten als Brugman om niet opgenomen hoeven te worden. Daar heeft ze een teringhekel aan, een gedwongen verblijf ergens.
“Zo’n gesloten karakter komen we alleen bij jongens tegen.” vertelt de dienstdoende psychiater haar.
“Ik praat heel veel en zeg heel weinig.” verduidelijkt ze.
Wat iedereen nodig heeft: ‘Fijn dat je er bent! Je mag er zijn zoals je bent. Ik hou van je.’
dinsdag
Crea (Creatieve therapie)
Linodruk.
“Hoe verbeeld ik mijn innerlijk voelen?” vraag ik Berry quasi-serieus. Berry reageert: “Met een liniaal. Horizontale- en verticale lijnen, en de gevormde vlakken inkleuren.”
Ik teken welvende lijnen met bijbehoren en vind het prettig om te doen. Het advies van Berry zet mij in beweging. Ik volg het niet op .
Het advies schept bijna vanzelf iets anders in mijn hoofd, als reactie. Best nuttig, adviezen die je naast je neer kunt leggen.
woensdag
Psycho
Vivian lijkt erg geboeid door tranen. Als iemand verdriet toont kijkt ze er intens naar.
Monica weet het niet meer. Als ze over dingen na wilt denken ontglippen haar de gedachten of ze tuimelen door elkaar waardoor er geen logisch geheel van te maken is.
donderdag
Thema
Er duikt onverwacht een ander thema op: alléén zijn.
Mensen worden onrustig als ze alleen zijn en verder niks omhanden hebben. ‘Straks zie ik niemand meer en dan ben ik echt alleen’. Is eenzaamheid een taboe?
De onrust in het weekend: ik ga uit - ik ga niet uit. Vrijwillig alleen zijn of gedwongen, dat maakt verschil natuurlijk.
Hetty: “Als puntje bij paaltje komt sta je er toch alleen voor.” Ze heeft soms het gevoel dat ze niet geboren had mogen worden. Dat ze geen recht van bestaan heeft.
Ze was een buitenechtelijk (onwettig) kind, door de kerk verkettert. Dat zit heel diep bij haar.
Hoezo geen bestaansrecht? Hier bén ik!
Afsluiting van de week
Rol van de therapeuten.
“Je moet niks van ze verwachten” zegt een A2-er* me in de pauze. “Ik verwachtte ook van alles.
Als je die teleurstelling te boven komt, kun je nog wel wat leren hier. Het meeste van jezelf, wat van de anderen in de groep en een beetje van de therapeuten.
Het moet toch uit jezelf komen. Ze koppelen heel weinig terug. Ook op evaluaties krijg je nauwelijks respons.”
*Een A2-er is iemand uit de tweedaagse behandeling die in de A-groep zit. In de B-groep zitten degenen die nog een band met de PAAZ (psychiatrische afdeling algemeen ziekenhuis) hebben.
In de A-groep zit de rest, vaak hoger opgeleiden.
3e Week
dinsdag
Rimke wilt naar huis maar wordt teruggehaald door Yvette. Ze nam gisteren twintig kalmeringsdruppels in plaats van drie.
Afsluiting
Een eetstoornis gaat niet over eten of over je gewicht.
Ze is een reactie op onderliggende oorzaken, vaak een combinatie van oorzaken die voor ieder weer wat anders ligt, maar ook deels dezelfde zijn.
Dan moet je denken aan een trauma (seksueel geweld, mishandeling of pesten bijvoorbeeld),
een persoonlijkheidsstoornis (vaak te maken met identiteit, intimiteit, perfectionisme of controle-dwang onder andere),
en de opvoeding (emotionele verwaarlozing of een negatief zelfbeeld bijvoorbeeld).
Bij de genezing is symptoombestrijding nodig: voldoende voeding binnenkrijgen om de therapie te kunnen volgen en om niet in een ziekenhuis terecht te komen.
De eigenlijke therapie is praten over alles wat je dwars zit, uiten van emoties en leren omgaan met negatieve of onrealistische gedachten.
Een therapievorm zoals op dit dagcentrum wordt aangeboden met verschillende invalshoeken is daar geschikt voor.
Omdat de aandoening voornamelijk bij jongere vrouwen voorkomt is groepstherapie met enkel vrouwen of meisjes ook een optie.
In feite is een eetstoornis een signaal of zo je wilt een uiting van protest tegen het psychische lijden dat er onder schuil gaat.
En zoals bij elk psychisch lijden doen liefde, warmte en genegenheid ook hier kleine wonderen.
Rimke vertelt over de druppel die haar naar twintig kalmeringsdruppels deed grijpen. Het was het conflict tussen Vivian en de groep over deelname aan álle bezigheden.
Therapeut Henriëtte wilt het naadje van de kous weten.
Het naadje blijkt te zijn dat Rimke niet kan omgaan met conflicten. Met wrijvingen, harde woorden, aanvallend gedrag, boosheid, venijnigheid, dat soort dingen.
Haar druppel blijkt een emmer vol druppels. De emmer met ontweken conflicten.
Het gaat om haar eigen verboden gevoelens die bij een conflict horen en die ze voornamelijk buiten haar meent tegen te komen.
Daarmee zegt ze tevens tegen de onruststokers: ‘Kijk eens wat jullie me aandoen! Jullie drijven me naar de pot met medicijnen’.
4e Week
maandag
Weekend & week
Rimke heeft een destructief weekend achter de rug.
Met schaar in armen gekrast, van trap gegleden (kneuzingen en schaafwonden), onbekend aantal slaappillen en vijftien kalmeringsdruppels.
Ze is bang voor wat ze zichzelf aan kan doen, is niet meer de baas over haar eigen handelen. Een klein conflict was de aanleiding.
Ze wilt niet dood, en tegen zichzelf in bescherming genomen worden. Liever niet opgenomen als het kan. Ze belde zelf de huisarts tweemaal.
De aanleiding was dat beslissingen – bijvoorbeeld over haar zoon - buiten haar om genomen worden. Alsof ze niet in staat zou zijn mee te beslissen.
Én haar man die onvoldoende toont dat hij van haar houdt: lieve dingen zegt en haar vaker omhelst en in zijn armen neemt.
Ze heeft vooral behoefte aan een lichamelijke bevestiging van zijn liefde voor haar. En ze wilt erbij horen, serieus genomen worden en begrip ervaren.
Therapeut: ‘Spreek uit waar het werkelijk om gaat, ook thuis.’
Een bevriend ervaringsdeskundige vertelt: Je voelt je overbodig, nutteloos, minderwaardig. Je gezin draait gewoon verder als jij op apegapen ligt.
Je man is veel hoger in functie dan jij, de aansluiting is zoek. Afhankelijkheid, niet alleen kunnen zijn, niets meer kunnen. Alles wijst in die richting.
Niks druppels. Op eigen benen leren staan.
Ik: Maar het gaat ook om de affectie die ze mist. Het gevoel dat ze aantrekkelijk wordt gevonden. Dat er iemand van haar houdt en dat laat merken.
Hetty kan niks zeggen nu (tranen in haar ogen).
In de pauze: "Het hele weekend anders lopen te doen dan ik me voel. Ik voel me rot en doe leuk en aardig."
De vriend van Monica was van donderdag tot en met zondag bij z’n moeder. Hij negeert haar de hele zondagavond en gaat dan in haar bed liggen pitten.
Ze pikt het niet langer. Ze heeft tot maandagochtend zes uur in de stad gepraat met anderen en weet nu dat hij onvoldoende om haar geeft en wilt alleen nog weten hoe weinig dan.
Ze voelt zich gebruikt.
Ze heeft haar haren leuk met die pony. Beetje Frankrijk zestiger jaren.
dinsdag
Socio
Subgroepen: rokers, late eters, boswandelaars.
Samen eten:
Yvette eet met tegenzin. Ze vindt het niet fijn om te eten (vreetbuien) en ze vindt het onprettig als anderen haar zien eten.
Vivian, Bardo en Yvette vormen de eetblokkade van A4.
Afsluiting
Rimke vond gisteren dat haar man en dochter te lang wegbleven, maar verruilde de schaar (om in haar armen te krassen) op tijd voor rolletjes verband die ze om haar daags tevoren bekraste polsen draaide.
Tóch de baas over zichzelf.
Waar ze zo bang voor is: dat ze zichzelf niet meer in de hand heeft en dat ze gedwongen opgenomen zal worden als het zelfvernietigende gedrag aanhoudt.
Advies: Laat merken hoe je je voelt en vraag wat je wilt weten.
Het is uit tussen Monica en haar vriend. Heel overwogen en rustig heeft ze hem gevraagd wat ze wou weten.
Herman kiest voor z’n moeder, Monica voor zichzelf.
Nadat het uit was gemaakt viel er een spanning weg en was de communicatie veel opener.
donderdag
Thema (Sociotherapie)
‘Aardig gevonden willen worden’
Een gezonder alternatief voor ‘aardig gevonden willen worden’ :
Jezelf zijn.
Jezelf zijn is doen zoals je je voelt en staan voor wie je bent. Wie je bent daar kom je achter door dingen uit te proberen en te kijken wat het met je doet, met je gevoel vooral.
Experimenteren, dingen doen, ervaren hoe het voelt.
In het contact met anderen leer je jezelf kennen, daarbij je gevoel in de gaten houden.
Hoe jij iets ervaart is de belangrijkste maatstaf. Het ervaren is het meest van jouzelf, meer dan je gedrag of je gedachten.
Soms moet je een masker opzetten, maar je mag niet vergeten dat je ‘m op hebt.
Stáán voor wat je vindt geeft meestal een beter gevoel dan iemand naar de mond praten. Het dicht bij jou houden (bij meningsverschillen bijvoorbeeld).
Verschillende meningen kunnen vreedzaam naast elkaar bestaan.
Het oordelen vervangen door de sociale vaardigheid ‘waarnemen’: wat zie je, wat hoor je, wat valt je op, wat voor een gevoel geeft het?
Echtheid en eerlijkheid zijn waardevoller dan gespeelde harmonie en ja-knikken.
Crea
Ik raak in conflict met Karla. Rimke chanteert: “Ophouden of ik ga in mijn pols krassen!”. We houden niet meteen op.
Afsluiting van de week
Taart van Monica.
Dag Monica. Dag vrijere Monica! Mét baan en zonder Herman. Prima toch?
5e Week
maandag
Twee nieuwe groepsleden: Tom en Erik, twintigers, de een atletisch de ander lang.
De groep druppelt lusteloos en met tegenzin de eetzaal binnen. Rimke is lusteloos, Bardo beroerd. Yvette zegt geen boe of ba. Hetty en Rimke komen met tegenzin: ‘Wat héb ik er aan?’.
Geen spoortje van een spirit.
Weekend & week
Hetty kampt met een schuldgevoel: ‘Ik zorg niet genoeg voor mijn moeder.’
Therapeut: "Als kind ben je in de steek gelaten door je moeder en voelde jij je heel alleen. Dit gevoel meen je nu bij je moeder te herkennen." (projectie)
Hetty zit emotioneel nog te zeer aan haar moeder vast.
Bardo heeft last van stuipen. Zijn lichaam reageert met ongecontroleerde bewegingen op zijn psyche die krampachtig de zaak onder controle houdt. Bardo ziet zelf het nut van de stuipen in.
Ik vind hem opener vandaag: “Ik kan het beste híer instorten.”
woensdag
Expressie
Vivian vertelt me huilend dat ze nog maar 35 kilo weegt. Ze is daar enorm van geschrokken en ook van het dringende advies van Ton (psychiater) om zich te laten opnemen in een psychiatrisch ziekenhuis:
"Je kunt ieder moment dood neervallen."
Na het lichamelijk onderzoek volgt een gesprek en daarna nog een tweede gesprek met haar vriend erbij.
Angstig kijken haar grote huilogen mij aan. Ik voel niet haar angst, niet haar verdriet, niet haar teleurstelling. Ik zoek naar manieren om haar te helpen.
Ik kan haar niet omhelzen en troosten. Ik sta er onbewogen bij.
Nu begrijp ik het, haar paarse handen, haar behoefte aan warmte en het niet stil kunnen zitten, de bruine vlekken bij haar neus.
Tekenen die duiden op ondervoeding en op onvoldoende brandstof om het lichaam op temperatuur te houden.
Ik hoor de stem van Wim, psychomotorisch therapeut: “Niet de radiator aanzetten hoor, Vivian”.
Middagpauze
We eten en maken grapjes en plagen elkaar. We ruimen de tafels af, staan te roken in de zon en hebben een vrije middag.
donderdag
Afsluiting van de week
Vivian is onderzocht door een internist. Ze weegt te weinig en haar lichamelijke conditie is te slecht om nog baat te kunnen hebben bij een behandeling op het Dagcentrum.
Als ze op een zeker gewicht is kan ze eventueel terugkomen.
Een stap van Hetty: Als haar moeder vraagt “Bel je me ook in het weekend?” zegt Hetty: ”Nee mam, in het weekend niet. Dan mag ik niet bellen van de groep.”
6e Week
maandag
Psycho
Hetty heeft een droom over de dood gehad. ‘Van binnen en van buiten licht en daarna voelde mijn lichaam koud aan.’
Soms heeft ze het gevoel dat er iets onzichtbaars achter haar staat, een geest wellicht, die wilt dat ze ‘iets kwaads’ doet. Het maakt haar bang.
Een kruisje dat ze slaat of draagt moet het kwade keren. Ze is bang dat ze ooit zal toegeven aan de wil van ‘de geest’.
Lies (therapeut) oppert dat het kwaad dat centraal staat in deze situatie iets is in haar leven dat om aandacht vraagt.
Iets dat veel kracht vertegenwoordigt en altijd verboden is geweest (Hetty is met de catechismus opgevoed).
Na doorvragen blijkt dat ‘de geest’ wilt dat ze iemand doodmaakt.
Iemand die zij zelf niet zou willen doodmaken, maar hij wel dood wilt.
Als ze mocht kiezen zou ze vóór haar vader kiezen. Haar moeder zou dan sterven in plaats van haar vader. Het raakt haar.
“Alleen die gedachte al is iets kwaads”, zegt iemand.
Hetty is als buitenechtelijk en ongewenst kind opgegroeid in een tehuis voor ongehuwde moeders. Ze twijfelt aan haar bestaansrecht.
Niet vreemd dat je dan vernietigende gedachten ontwikkelt. Alleen zijn die gedachten niet verenigbaar met haar katholieke opvoeding en haar geweten. Vandaar dat de externe ‘geest’ zich aandient.
dinsdag
Socio
Erik (student op de HTS) wilt van zijn gespannenheid af en erachter komen wat hem boeit en wat hem tegenstaat.
Hij komt leeg, mat, gelaten over. Afdwalende aandacht. Ik zie raakvlakken met mijn leven. Niet knokken voor je eigen geluk, voor je ziel en zaligheid.
Er geen eind aan willen maken, maar ook geen begin.
Samen met hem formuleer ik later wat werkpunten:
Uiten wat er is, stilstaan bij wat je voelt, bewust worden van je zin en tegenzin. Samengevat: aandachtiger in het leven staan.
Tom kan niet meer vertrouwen op zijn lichaam, het hyperventileert op onverwachte momenten. Hij heeft vermijdend gedrag ontwikkeld, zoals niet in zijn eentje ergens naar toe gaan.
Hij is een doe-mens: actief, energiek, enthousiast.
Zijn ademnood en andere angsten zetten hem al enkele jaren op non-actief. Gedwongen stilstaan terwijl alles in hem wilt bewegen.
woensdag
Psycho
Karla wilt op een leuke manier zielig gevonden worden, zo nu en dan. Een kinderlijke behoefte om verzorgd te worden.
Ook Yvette wilt graag dat iemand haar vertroetelt, thee op de bank brengt en lief voor haar is. Rimke ook.
De mannen zwijgen hierover.
donderdag
Thema
‘De toekomst. Doelen in je leven.’
Karla wilt misschien terug in het jeugd- en jongerenwerk, of iets anders.
Ik weet het niet. Kinderen vind ik wel leuk, die zijn nog echt.
Bardo heeft geen idee hoe het verder moet of gaat met hem.
Het Chinees heeft hem ooit bezig gehouden, de taal en de cultuur. Zijn gezicht heeft wel wat Chineesachtig.
Rimke ziet zichzelf weer als leerkracht. Het liefst bij de kleintjes.
Hetty heeft één stip op de horizon: ‘Hoe ik me voel aan het eind van de therapie’.
Huilend: “Ik voel me nergens thuis. Ik weet niet of ik nog wat met mensen wil.”
Meerdere groepsleden haasten zich te verklaren dat de therapie slechts een bescheiden stukje vormt van haar hele leven en dat ze het daarom niet zo’n grote en absolute plaats mag geven.
De therapeut: “Staf en behandeling hebben zo hun beperkingen en onvermogens, en misschien moet er iets anders gebeuren met jou na dit dagcentrum.”
Dit heb ik eerder gehoord. Maar dan uit míjn mond en uit de mond van een A2-er.
Crea
Yvette is het populairst bij de mannen.
Bardo beschouwt haar als de spin in het web en hij wilt weten of zij na de geslachtsdaad het mannetje opeet.
“Ik zuig hem helemaal leeg.” repliceert Yvette.
Bardo voert een vermakelijke evaluatie ten tonele. Evalueren, godnogaantoe, oké. Maar dan wel zo dat we er plezier aan beleven.
Paasweekend.
7e Week
dinsdag
Weekend & week
Bardo komt tot niks en is niet gemotiveerd voor wat dan ook. Hij is kwaad op zichzelf.
Therapeut: “De lust om dingen te doen, de zin in het leven, daar zitten we hier allemaal mee Bardo.”
Afsluiting
Yvette beticht Rimke van chantage (Rimke zegt te stoppen met de therapie als ze geen toestemming krijgt om op vakantie te gaan).
Yvette vindt haar vader boeiender dan haar moeder. Hij is ambivalent, meet met meer maten en z’n woorden stroken niet altijd met wat hij van binnen vindt en voelt.
‘Je bent pas iemand als je wat presteert’ is een lijfspreuk van hem. De trampoline voor de faalangst van z’n dochter.
woensdag
Psycho
Iedereen zwijgt tot Tom eindelijk van wal steekt.
Zijn vechten tegen zijn hyperventilatie door dingen te doen met risico op een aanval levert niks op.
Liever praat hij niet over deze dingen, nu noodgedwongen wel.
Ik vraag aan Bardo, die al twintig jaar last heeft van hyperventilatie: “Wat willen deze klachten jou vertellen? Waar zouden ze op kunnen wijzen?”
In hun eentje komen ze er niet achter en niet uit, Bardo en Tom.
“Je zou de groep kunnen gebruiken om een deel van een antwoord te vinden”, zegt Lies (psychotherapeut).
donderdag
Mensen hebben recht op hun eigen onaangename dingen.
Sommige dingen zijn pijnlijk om te horen, andere pijnlijk om te zeggen - als je eigen kwetsbaarheid in het geding is, of gevaarlijk om te zeggen omdat je dan ruzie kunt krijgen.
Hoe open kun je zijn, over de ander, over jezelf?
Thema
‘Omgaan met spanningen’
Enkelen vertellen hoe zij omgaan met spanningen:
Slapen. Afreageren in een sport. Uiten wat je dwars zit. Vertellen wat je hindert. Zeggen hoe je je voelt.
Als je zégt hoe je je voelt, bij een sollicitatie bijvoorbeeld: Ik voel me erg gespannen en zenuwachtig”, dan zakt dikwijls de spanning meteen al een stuk.
Middagpauze
Erik heeft zo'n beetje dezelfde humor als ik.
Ik: “Hetty is díe kant op.”
Erik: “Oh jee, een snelweg.”
Ik (tegen Yvette): “Is dat jasje voor achter de piano?”
Yvette: “Nee, om aan te trekken.”
Erik: “Zo gek is ze nog niet. Dat komt vast wel goed.”
Crea
Maak met pastelkrijt bewegingen over een vel papier. Doe wat je invalt, het hoeft niks voor te stellen, het mág niks voorstellen. Met z’n tweeën doe je dit op één groot vel papier.
De vrouwen unaniem: Je moet je niet anders voordoen dan je bent. Niet voorzichtiger, niet zachter, niet terughoudender, niet méér weifelend, niet aardiger.
Als ik zie dat jij je inhoudt dan durf ik ook niet meer.
Jezelf zijn, jezelf laten zien is het motto.
Niet dat gemaakte, dat aangepaste, dat rekening houden met. Dat manoeuvreert hen in eenzelfde positie en dan is de onechtheid compleet!
Afsluiting van de week
Iedereen is altijd moe.
Er niet aan toegeven. Niet je leven verslapen. Niet alsmaar zitten te niksen. Gedachten die tot niks leiden, vluchtig en niet scheppend.
Uiten wat er in je omgaat aan gevoel en gedachten. Anders blijft het rondspoken en vreet het energie.
Ik trek de sluisdeur open: “Het klikt niet tussen de therapeuten en mij, hoe jullie met mij omgaan. Ik krijg er kwaaie gevoelens van. Is daar een uitweg voor?”
Ik vertel hoe ik me wel heb kunnen uiten tegen andere hulpverleners in het voortraject en dat dit veel lastiger gaat in de groep waar ik nu zeven weken in zit.
De therapeuten roepen regelmatig weerstand en wrevels bij me op. Hoe ze doen, het irriteert me.
"Alles zeggen wat je wilt? Vergeet het maar. Ik kan het niet, niet hier, niet zo.”
Oude woede (naar mijn vader bijvoorbeeld) speelt een rol. Hoe raak ik die kwijt?
Hoe kom ik als mens aan de slag, liefdevol en echt?
Ondertussen ben ik toch vrij open en direct geweest.
8e Week
dinsdag
Psychomotorische therapie
Levende sociogrammen.
Mensen mogen niet zomaar in mijn ruimte binnenkomen. Een armlengte moet er tussen zitten.
Yvette kan heel verleidelijk kijken. Ze heeft verschillende gezichten en houdingen. Als ze dichterbij komt werkt dat erotiserend.
Socio
Evaluatie van de afgelopen zeven weken.
“Ik voel me zenuwachtig” begin ik.
‘Dat in de bres springen voor een ander bij een machtsstrijd heeft denk ik zijn wortels in mijn opvoeding. Daar werd vooral door mijn vader geen tegenspraak geduld.
Hij was een soort van alleenheerser. Wat toen niet kon probeer ik hier nu uit, vermoed ik.
Een mogelijk nadeel van mij bemoeienis is dat ik 'de zwakkere’ niet serieus neem door zijn of haar aandeel in het conflict over te nemen.
Beter is het om mijn gevoelens bij zo’n conflict te uiten en het daarbij te laten.’
De begeleiding is enthousiast over mijn grotere openheid.
Het verbaast Henriëtte (therapeut) dat ik met mijn klachten uitgerekend de opleiding Cultureel Werk heb gekozen, na mijn technische baan.
Karla slaat en krabt zich minder en uit zich meer.
Ze probeert afzet-gedrag uit, op mij vooral. Dat geeft haar een goed gevoel. Dat je je kunt afzetten tegen iemand en daarna in een normale verstandhouding met elkaar verder kunt.
Dat heeft ze bij haar ouders nooit gekund. Ik ook niet, bij mijn ouders.
Afsluiting
“Ik voel me kut” lacht Yvette, omdat ze met niemand iets heeft afgesproken voor Koninginnedag en wel met de pizzeria voor inval-afwaswerk.
Ze voelt zich stom en wuift lacherig meer aandacht weg.
Rimke kiest voor Selou: einde A4.
woensdag
Afsluiting van de week
Rimke mag na haar vakantie terugkomen in de A2-groep. Dat vindt ze een heel redelijke oplossing.
Hetty gaat iets nieuws uitproberen: Vrágen om dingen die ze fijn vindt. De tip heeft ze van Lies.
Tijdens mijn verhaal (over een rollenspel hiervóór) huilt Yvette bijna onhoorbaar. Tranen over haar wangen.
Karla wilt weten wat er is. Yvette weigert resoluut daar op in te gaan. “Laat me toch met rust!”
Hetty valt tegen haar uit: “Je bent al vijf maanden hier en je geeft steeds even aan dat het niet goed met je is. Je loopt met zó’n gezicht (gebaar) rond en verder kom je niet.
Het wordt tijd dat iemand je doorprikt of een schop onder je kont geeft!”
We kunnen bij de volgende Psycho gewoon de draad weer oppikken naar aanleiding van dat simpele rollenspelletje
Het rollenspel van vanochtend vertoont gelijkenis met Yvette’s thuissituatie vroeger en nu, waar haar anorexia-zusje alle aandacht krijgt en Yvette verkommert. Dat is mijn inschatting.
Zouden mensen meer van zichzelf laten zien in de groep als ze er niet meteen over doorgezaagd worden?
Hebben ze vragen, duwtjes en uitnodigingen van de anderen nodig om los te komen? En op wat voor manier?
Het is niet nodig om meteen bovenop iedere emotie te springen. Je kunt iemand in z’n emotie laten in plaats van die af te pakken. Door een beroep te doen op iemands ratio (Waarom huil je?) trek je ‘m uit z’n emotie. Eigenlijk willen ze versterkt worden in hun gevoel. Dat kan door een simpele omhelzing zonder woorden, of met een enkel liefdevol woord.
9e Week
woensdag
De sfeer is wat opener in de A4-groep, de mensen zijn opener. Hebben de zon of de korte vakantie er wat mee te maken?
Mijn inzet is gemiddeld. Er is wel weerstand, bij het wakker worden met name: bàh, ik heb geen zin.
Lies: “Je bent hier omdat je gedrag hebt aangeleerd dat ooit nodig was en nu in je nadeel werkt. Het gedrag past niet meer bij je leeftijd of niet meer bij je huidige situatie.
Dat ongepaste gedrag van je leren zien en er ander gedrag voor in de plaats krijgen, dat oefenen en uitproberen, daarvoor ben je hier.”
Volgzaam zijn bijvoorbeeld, past bij iemand van groep drie, maar niet bij iemand van vijfentwintig.”
Henny: “Je bent hier niet om het gedrag te vertonen waarvoor je juist hier bent gekomen. Daar wou je nou net iets aan doen.”
Hier zie je het verschil in benadering tussen Lies (klinisch psycholoog) en Henny (maatschappelijk werkster): Henny is moraliserend, Lies niet.
Henny ziet daarnaast enkele dingen over het hoofd.
Gedrag dat al jarenlang bestaat kun je beter niet zomaar afschaffen. Het is juist goed om dit ongezonde gedrag nog een poosje te vertonen.
Dan kunnen ook de groepsleden en therapeuten zien welk gedrag niet meer bij je past en in je nadeel werkt, en dit gedrag spiegelen en terugkoppelen.
Zodat je het zelf doorziet en ervaart als iets dat tégen je werkt.
Verder gaat het niet alleen om aangeleerd gedrag, maar ook om opgelopen trauma’s en om stoornissen in je persoonlijkheid die samen de grondslag vormen van je klachten.
Psycho
Erik twijfelt aan het nut van de behandeling voor hem. Na drie behandelweken en verhalen van anderen komt hij tot deze conclusie.
“Er mee leren leven, meer zit er niet in.” Deze periode wilt hij het liefst zo geheim mogelijk houden.
Ik herken in hem het volgzame, de ongrijpbare stroom van gedachten, de geringe grip op je eigen leven en het doorschuiven van de eigen verantwoordelijkheid in dit verband.
Afsluiting
Bardo kan met overtuiging iets beweren en zich even later realiseren dat het niet klopt wat hij zei. Hij klinkt gespannen, laat meer zien en is ook levendiger.
Yvette negeert bekenden die ze in het weekend tegenkomt in haar geboortestad en in Amsterdam. “Ik wil ze niet ontmoeten. Telkens die vragen van klasgenoten die al afgestudeerd zijn:
"Hoe is het nou met je en wat ga je komend studiejaar doen?” De vergelijking valt steeds in haar nadeel uit.
Ik zeg dat ik dit gedrag heel goed herken. Je hebt niks om trots op te zijn, niks om enthousiast over te vertellen. Iedereen doet het beter dan jij.
donderdag
Over gevoelszaken praten zonder gevoelscontact ermee. Mijn gevoel meldt zich op onverwachte momenten, als er niet om gevraagd wordt.
De ironie van Henriëtte en Henny (sociotherapeuten) is niet uitsluitend voor mij gereserveerd. Erik en Hetty krijgen eveneens hun portie.
Als je hardleers bent of jezelf niet kwetsbaar opstelt brengen de therapeuten hun wapens in stelling, zo lijkt het.
Thema
‘Vermijdingsgedrag’
Tom vermijdt situaties waarin hij niet meteen naar buiten kan: trein, auto, ruimtes vol mensen. Hiermee probeert hij een aanval van hyperventilatie te voorkomen.
Wat benauwt hem toch zo?
Yvette vermijdt mensen die haar herinneren aan betere tijden. Ze typeert zichzelf nu als mislukt en is bang voor angst.
Karla vermijdt contact met haar gevoelens.
Ik vermijd contact met mensen, vooral vrouwen die ik aantrekkelijk vind. Wat heb ik ze nou te bieden?
Hetty vermijdt eten en drinken met anderen. “Want dan zien ze mijn trillende handen.”
Crea
Na een botsing met Yvette vraag ik me af: Heb ik iemand nodig die me ongezouten de les leest? Soms is er iets heftigs nodig om iets of iemand in beweging te zetten.
Je bent de eerste thuis die mag doorleren en haalt slechte punten omdat je op een opleiding zit waar je niet thuishoort. Afkeuring en teleurstelling vallen je ten deel.
Je capituleert en de cijfers schieten omhoog. Aangepast volgzaam gedrag. Je raakt in een mallemolen van opleidingen en werk waar je nooit had mogen belanden.
Je oorspronkelijke belangstelling en talenten raak je kwijt. Je weet niet meer wat je wilt, kunt, fijn vindt. Je doet wat mensen om je heen van je verwachten.
Je doet wat ze je vragen of opdragen. En dat doe je nog goed ook. Slechts één bijkomstigheid: je wordt er doodongelukkig van.
Afsluiting van de week
Tom: Het hardlopen met sportleraar Wim (‘Kun je het bijhouden Wim?’) geeft de week toch nog iets nuttigs mee. Groepsleden reageren ietwat spottend.
Ik vraag me af welk gedrag niet meer bij mij past. Vandaag weer eens bruut op mijn plaats gewezen door Yvette. Therapeut: “Bedreigend?” Ik: “Nee, lomp.”
In het weekend iets leuks doen en jullie serieuzer nemen volgende week.
Erik liegt voor eigen bestwil. Het Centrum blijft geheim voor de buitenwacht. Hij noemt verder zijn volgzaamheid. “Ik doe hier dingen tegen mijn zin, maar ik hou m’n mond.
Zij zullen wel beter weten denk ik dan.”
Gérard (therapeut) tegen Hetty. “Voortaan zeggen hè, als je trillende bent”
Het zelfvertrouwen van Berry (creatief therapeut) geeft haar een ongemakkelijk gevoel. Het voelt ook als punten zonder cijfers. Ze heeft het er nog over met Berry.
Weekend.
10e Week
maandag
Bekijk het eens vanuit het perspectief van de ander zodra je iets warms voor iemand voelt. Je kunt iemand aantrekkelijk vinden zonder dat je daar verder iets mee moet, met dat gevoel.
Met name in werk- en leersituaties zorgt de inbreng van de rede voor meer rust.
Lóslaten zegt de therapeut. Loslaten is het toverwoord. Wat bedóelt ze toch en hoe doe je dat?
Zelfonderzoek in je eentje vind ik ook knap lastig.
Het helpt als je begrijpt waar het vandaan komt, dat het een oorzaak heeft, je ongezonde gedrag en alle gevoelens daarbij.
Twee nieuwe groepsleden: Gonny en Gerben.
Weekend & week
Al pratende voelt Yvette ineens heel sterk hoe ze over zich heen laat lopen, door haar zus met name. “Het hele huis neemt ze in beslag. Overal liggen stapels papier van haar”, gebaart ze wijds.
Een advies uit de groep beantwoordt ze met haar speciale “ja” waarin een mengeling van gehoorzaamheid en ‘zo is het wel genoeg’ doorklinkt.
Het advies was natuurlijk: de ander duidelijk maken wat je ervaart en wat het met je doet.
Bardo’s lichaam meldt zich: misselijk, duizelig, hartkloppingen, nerveus. Goed dat-ie het zegt.
Karla oefent meningsverschillen met haar vriend Dennis.
Ze ziet er goed uit Karla. Leuker om te zien dan twee maanden geleden. Minder harde trekken, meer ontspannen met een fleem van een glimlach. Alert, opgewekt.
Hetty zit in de lift. De sleutel is: de dingen laten komen zoals ze komen. Erin stappen, erop af stappen. Zonder allerlei bedenkingen vooraf.
“Ik doe wat ik doe en ik laat mijn gedrag niet afhangen van de anderen om me heen.”
Ik: lichamelijk slapjes, weinig output, weinig energie al zolang ik me kan herinneren.
Henny (therapeut): “Haal eens momenten terug waarin het beter ging met jou. Welke waren dat, hoe kort ook, en wat trok je erin aan of bracht je tot leven?”
Tom krijgt een goed gevoel van zes kilometer hardlopen en enkele uren tennis. In ruststand gevolgd door een aanval van hyperventilatie.
Psycho
Tom wilt weten of hardlopers doodlopers zijn.
Je hebt lopen en ontlopen. Sport, oké. Sport alleen, niet oké.
“Oude wonden openrijten? Als m’n ventilaties weg zijn ben ik hier ook weg. Waarom moeilijk als het makkelijk kan?”
Ventileren : Je mening, kritiek of frustraties openlijk uitspreken. Dit wordt vaak gedaan om stoom af te blazen of de eigen gemoedstoestand te verlichten. (Encyclo)
Hij werkt fysiek hard. Niet zeuren, er tegenaan. Midden in een zin vloeien de tranen.
Hij ziet het nut er niet van in: spitten in het verleden. Wat levert het me op?
Dat weet je nooit van tevoren. Soms achteraf, maar ook dat niet altijd.
Gonny vertelt. “Vijftig uur per week werkte ik. Hoe drukker ik het had hoe beter ik functioneerde.
Toen las ik een boek over ‘dochters van alcoholisten’. Dat was ík! Daar stond ík beschreven. En m’n vader ook.
Al die tijd was ik blind. Toen besefte ik wat een invloed ouders en opvoeding op jou als kind hebben, en dat hoe ouder je wordt hoe meer last je er van krijgt.
Van alles heb ik gedaan. Gehuild, gepraat, van alles. Hoe kom ik hier vanaf? Wat moet ik doen om het te verwerken, om gezond te worden?
Ik wil er zelfs een zee voor overzwemmen!”
dinsdag
Socio
De positie van de therapeuten in de groep wordt aangestipt.
Er is recht op inzage van brieven van verwijzers en behandelaars. In hun bijzijn kun je hun brief met daarin hun mening, diagnose of oordeel lezen.
Gonny noemt het kaf en het koren in de hulpverlening. Een open deur in de media en een taboe binnen de hulpverlening. Ze heeft een wantrouwen naar hulpverleners opgebouwd.
Ze wilt kost wat kost dat wat haar belet volledig te functioneren de baas worden en laten verdwijnen.
Wat mankeert er aan haar functioneren en wat ziet zij als de oorzaak daarvan?
Er is een sterk wíllen, Ik wil er vanaf. Ik doe er alles voor. Ik zoek de beste therapeuten en ik vraag hen: zeg me wat ik moet doen om er van af te komen, zég het me en ik doe het.
Ze wijst ergens in haar verhaal haar tranen terug.
Afsluiting
Gonny twijfelt aan de therapeutische waarde van de behandeling. “Ik word hier knettergek van al dat lullen.” “Aanloopverschijnselen”, verklaart Yvette uit eigen ervaring.
Ik doe er nog een schep bovenop. Ik wil niet dat Gonny meteen al afhaakt. Komt ook omdat ik haar op een bepaalde manier aantrekkelijk vind: ook eigenbelang dus.
Ze houdt vaak haar handen tegen haar achterhoofd. Verder vallen op haar verbale ongeremdheid en de angst in haar ogen. En er moet altijd een raam open.
woensdag
Psycho
Met een kleine stem, als van een kind, vraagt Gonny of ze het over haar familie mag hebben.
Stem en houding passen niet bij een vrouw van vierendertig. Ze lijkt soms wat in de war en met haar hoofd er niet bij.
Een ongelukkige jeugd. Ze bemiddelt tussen haar vader die een kwade dronk heeft en haar moeder die niet opkomt voor zichzelf en haar kinderen.
‘Als ze elkaar maar niet doodmaken!’ is haar voortdurende angst.
De zoon ontloopt deze gewelddadige situaties.
Gonny, de dochter in deze tragedie, is niet volwassen kunnen worden omdat ze het altijd al moest zíjn. De enige verstandige in huis.
De woede naar haar vader toe heeft plaatsgemaakt voor medelijden. Als hij nuchter is wilt ze hem wel zien. Jammer genoeg zoekt hij juist contact met haar als hij gedronken heeft.
Het gevoel voor haar moeder kent twee kanten. “Ik gooi haar met bed en al het raam uit!”: een enorme woede naar haar moeder.
Én, de andere kant: “Wat als ik nu níet voor haar ga koken? Dan heb ik zo niemand meer.” Een mengeling van medelijden, schuld, en angst voor verlating die ze ‘ik houd van haar’ noemt.
De zoon van de familie heeft de verzorging voor de behoeftige moeder uitbesteed: zijn vrouw kookt door de week voor haar en zijn zus moet dat in het weekend maar doen, zo vindt hij.
Gonny wilt hier een punt achter zetten. Niks koken. Het is genoeg geweest. Wanneer houdt het anders op, die perverse relatie met haar ouders?
De moeder tenslotte gooit de hulpeloze blik in de strijd, de tranen in haar ogen, het stille verwijt.
“Zei ze maar wat ze wou, zei ze maar wat ze dacht of voelde, dan kon ik daar op ingaan.”
Haar weg naar gezondheid gaat, zo veronderstel ik, via mensen die haar de ontbeerde zorg en aandacht en liefde schenken zodat ze zich kind kan voelen, kind kan zijn.
Om zo naar echte volwassenheid te groeien. ( Dr. A. Terruwe - De Frustratieneurose)
donderdag
Thema
‘Verantwoordelijkheid’
Mensen dingen uit handen nemen, voor ze zorgen en moederen. Je ontneemt ze de kans om de dingen te ervaren en zelf in actie te komen. Je ziet ze niet voor vol aan.
Míjn ouders deden alles vóór, hielpen herinneren, kwamen met oplossingen vóór het probleem zich aandiende. Dat maakt je geestelijk lui en gemakzuchtig, en afwachtend. Fouten maken en daarvan leren wordt je ontnomen.
Hetty heeft het er moeilijk mee. “Ik doe van alles voor ze en nou zou ik verkeerd bezig zijn?”
“Het gaat erom” reageert de therapeut, “Hoe vóel jij je erbij, wat bereik je ermee, wat als je er mee stopt? Wat jíj wilt, daar gaat het om”.
Middagpauze
Bardo zondert zich af en vertrekt met onbekende bestemming. Naar huis?
Ik hoor dat hij bij zijn moeder woont. Vierendertig en bij je moeder wonen. Is dat geen werkpunt?
Crea
Nat op nat. Waterverf op kletsnat (tweezijdig nat) papier.
Kies kleuren die je aanspreken.
Doe, kijk. Doe, voel. Doe en neem de tijd voor je het af vindt.
Fijn vind ik dit. Ik bemoei me teveel met de mensen om me heen. Jammer.
Het stamt uit de antroposofie: je laten gaan in nat op nat.
Afsluiting van de week
Yvette is wijs en intelligent en weet handig de psycho-valletjes te ontwijken.
Het zichzelf verbaal uitdrukken gaat nog erg onbeholpen.
Dit weekend gaat ze naar het strand en naar het theater met haar zus Lieke die dominant is.
Gonny’s kop klapt uit elkaar zo voelt het. “Kan ik hier echt gek van worden?” vraagt ze bezorgd. “Hoe is dat met jullie?”
Het is even wennen, vindt de groep. Je moet ook niet te ijverig zijn met opletten. Laat maar gaan al die woorden.
Yvette’s beroepskeuzetest: timmervrouw, exacte wetenschappen, communicatie, cultureel, geen dienstverlening.
Hè?
11e Week
maandag
Weekend & week
Bardo voelde zich slecht dit weekend, hij dacht dat-ie doodging.
“Ik weet wat er speelt bij mij, maar ik krijg het niet uit mijn strot. Kon ik maar één keer me laten gaan.”
De twijfels van Erik over het nut van de therapie voor hem heeft hij voorgelegd aan Ton (chef de clinique).
Hij wordt door Ton doorverwezen naar Lies (klinisch psycholoog). Erik denkt dat geen enkele therapie hem kan helpen bij zijn depressies. Dat vindt Gonny eng om te horen.
Gonny: paniekaanvallen donderdag thuis. Veel seresta geslikt. Goed opgevangen door lieve vrienden.
Psycho
Tom vraagt hoe hij kan omgaan met zijn woede.
Hij is bang de controle te verliezen waardoor er slachtoffers vallen.
Onder begeleiding je woede leren uiten, en inzicht krijgen in het waarom en waarvandaan, reageert de therapeut.
dinsdag
Socio
Gerben wilt graag onderzoeken waarom hij zo gespannen wordt in de buurt van een leuk meisje en waarom hij niet weet hoe contact te leggen met mensen.
Hij wordt ongelukkig van alleen maar studeren en werken. Gerben heeft een universitaire achtergrond.
Gonny trekt verantwoordelijkheden naar zich toe waar het helemaal niet nodig is.
Ze heeft geen oog voor wat er in haar omgaat aan gevoel en verlangens, geen oog voor de wereld om haar heen.
Haar lichaam protesteert. Uitslag, extreme vermoeidheid, paniek- en angstaanvallen, het gevoel geen lucht te kunnen krijgen.
Yvette heeft behoefte aan een vader tegen wie ze ook onredelijk mag doen, waar ze niet op haar hoede bij hoeft te zijn, waar ze alles tegen kan zeggen zonder reserves.
En die vader blijft dan net zoveel van haar houden.
woensdag
Psycho
Yvette houdt overdreven rekening met haar anorexia-zus. Daarmee voorkomt ze tevens heftige reacties van deze dominante zus.
Haar studie wordt belangrijker gevonden dan het geworstel van Yvette met zichzelf.
Karla onderbreekt Yvette, zij wilt ook nog aan bod komen.
“Is dat je zusje?” wijst Lies (psychotherapeut) op Karla.
Expressie
Lopen op tweeëndertig verschillende manieren. Flaneren, slenteren, tippelen, hippen, zwalken. “Voelen jullie je al belachelijk?” Erik en Gonny haken af. Ik slenter een eindje verder.
donderdag
Middagpauze
Een andere visie dan de hare laat Gonny vaak niet toe. Ze lijkt open maar ik vind haar gesloten. Gesloten voor andersdenkenden.
Ze hecht sterk aan een ‘goed of slecht’ sortering van de buitenwereld.
“Je labelt de opmerkingen van de mensen om je heen. Een opmerking die jou niet bevalt krijgt het label slecht," zeg ik tegen haar.
Afsluiting van de week
Karla is over naar de volgende klas, groep A2.
In een reactie hierop excelleert Yvette met haar mix van ironie en sarcasme, doordachte observaties en steken onder water.
De verschillende gezichten van Yvette vragen om vastlegging middels film of foto, stel ik voor. Ze vindt het prima.
Ze heeft een eindsprint ingezet en ze is taai, met een flink uithoudingsvermogen: “Toen ik hier kwam dacht ik, vier dagen in de week al dat gelul, vréselijk!”
Ik mag haar. Net even heel sterk. Een opwelling van verdriet. Mededogen, medeleven.
"Waarom wordt je niet verliefd op bereikbare vrouwen!?" roept ze nog, terwijl haar ogen schitteren. Duidelijker kan ze het niet zeggen.
Weekend.
12e Week
maandag
Weekend & week
Erik vindt samen iets dóen makkelijker en prettiger dan op een feestje met mensen praten.
Gerben laat liever niet merken dat hij een meisje leuk of aantrekkelijk vindt. “Ze moeten niet denken dat ik iets van ze wil.”
Maar dat weten ze toch allang Gerben, wat jij graag wilt.
Afsluiting
Eind-evaluaties (na zes maanden A4-groep)
Bardo’s weerstand tegen iedere vorm van uiten is nu heel groot. Hij is zeer gespannen, wilt stoppen met de behandeling. Úit het isolement en ín een relatie zou hem goed doen.
A2 wordt aanbevolen. Hoe nu verder?
Alle klachten en werkpunten van Hetty zijn er nog, zij het in mindere mate. Met name buiten het centrum gaat het beter. Ze houdt meer rekening met zichzelf. Ze ziet er beter uit.
Tranen met tuiten tenslotte. Yvette heeft niks op papier kunnen zetten.
Ze wilde twee maanden geleden al naar de A2-groep maar heeft dit niet duidelijk aangegeven. Ze vindt dat ze zelf te weinig stuurt en bepaalt hoe haar leven verloopt.
Advies van het dagcentrum: nog twee maanden A4.
Yvette is sprakeloos en huilt daarna. Het voelt kut er steeds omheen te moeten draaien hoe ze haar dagen vult, vooral bij nieuwe mensen. Ze gaat liever naar de A2.
“Dat ís een argument” vindt Lies (psycholoog). Woensdag meer argumenten.
Lies: “Voelt het een beetje als zittenblijven?”
dinsdag
Socio
Gonny vroeger thuis:
‘Geen plaats voor haar als kind dat aandacht en warmte krijgt van haar ouders.
De enige positie die overblijft en die ze instinctief inneemt om te kunnen overleven is die van verzorgend en verantwoordelijk kind. Ouder van haar ouders.
Die rol is ze nog niet kwijt, voor een deel niet. En nu, in de groep, wordt ze belemmerd die rol te spelen. Het wordt haar zelfs verboden.
Logisch dat ze boos wordt. Haar rol wordt afgepakt. Hoe moet ze nu overleven?' legt Lies uit.
We mogen wat meer zorgen voor Gonny en voor Hetty. Voor allemaal wel een beetje. In de vorm van aandacht en begrip. Er echt voor hen zijn. Vaker een compliment geven.
Crea
Het heeft iets van een taboe maar het is vooral onverstandig: vallen op iemand die achttien jaar jonger is.
Ík mag dan wel vallen op een veel jonger iemand, die jonger iemand valt beslist niet op mij. Zo werkt de natuur nou eenmaal.
Wellicht is er een evolutie van het gevoel mogelijk bij mij, een groei van puberale naar volwassener gevoelens.
Niet iets waar je makkelijk mee te koop loopt. Ook niet in deze groep. Het wegduwen of opbergen in een geheime la is geen goed idee. Dan gaat het spoken.
Het beste is om er wat realistischer mee om te gaan. Een gevoel mag dan wel autonoom zijn, wat je er mee doet -het richten- heb je zelf in de hand of is te leren.
Wat je ook kunt leren is je gevoelens op een andere manier uitdrukken. De sublimatie van het gevoel.
En dat allemaal omdat Yvette zo aantrekkelijk kan kijken, soms.
woensdag
Afsluiting van de week
Tom wilt graag kinderen, maar er zijn belemmeringen waar hij het niet over wilt hebben in de groep.
Ik stel de vraag: ‘Wat mag je laten zien en wat kun je beter verbergen?’
Het verlangen van de week (Gonny) : “Een gevoel van vrijheid. Een overweldigend gevoel van vrijheid. Al is het maar één seconde”
13e Week
maandag
Sociale Vaardigheden
Telkens in een situatie je afvragen: Wat wil ik?
Wat wil ik eten, drinken, nú doen? Wie wil ik zien of ontmoeten? Wil ik een vaste relatie? Zelf het initiatief nemen, niet dat afwachtende, niet erachteraan sjokken.
Middagpauze
"Ik voel me niet aangetrokken tot je lichaam."
Yvette zou makkelijk van slag raken van zo’n opmerking, zegt ze.
Wat kun je wel en niet zeggen over het uiterlijk, het lichaam van iemand? Wat je ziet en wat je voelt, dat mag je toch zeggen? Of Niet?
Hetty: “Het is de toon waarop je het zegt.”
Yvette start een verhitte discussie. Het raakt haar, dit onderwerp.
Ze ziet er soms heel aantrekkelijk uit en dan weer ronduit onaantrekkelijk.
dinsdag
Socio
“Verslapen?” wandelt de therapeut achteloos verder.
Niks verslapen. Ziek. Moeite gedaan om er te zijn.
Therapeuten zijn gewone mensen die projecteren en invullen en hun voorkeuren en fouten hebben en soms de plank volledig misslaan.
woensdag
Afsluiting
De onveiligheid in de groep komt ter sprake. Gonny noemt het. Ik herken het. Onveilig is een basisgevoel van mij. Los van deze groep.
Veiligheid wordt als voorwaarde gezien om je te kunnen uiten, je te durven uiten.
Het over anderen hebben waar zij niet bij zijn raakt aan de veiligheid. Er is de regel van geheimhouding. Relaties binnen een therapiegroep zijn ongewenst.
Bardo tegen Gonny: “Je stelt je afhankelijk op, je hebt de waardering van de groep erg nodig.”
Het zijn wel basisbehoeften, waardering en bevestiging.
donderdag
Afsluiting van de week
Aan de buitenkant van Gerben valt niet af te lezen hoe het op dat moment met zijn binnenkant gaat.
Hetty. Afscheid nemen doet haar pijn (ze verlaat de groep, net als Bardo). Het herinnert haar aan haar vader.
Blijkbaar heeft ze die gekend.
Warmte en begrip zijn voor haar heel erg nodig.
Ik. Hoe kun je nou loslaten wat je graag wilt vasthouden!?
Gonny: "Mijn hoofd is vol. Nog één woord en het barst. Zes weken slapen wil ik. Dit is niks voor mij hier, deze groep.”
Ze is erg in de war en huilt. Tom brengt haar thuis.
Gonny zoekt: bevestiging, warmte, praktische tips. Ze krijgt: bedenkingen, andere meningen, onverwachte adviezen en kritiek. Vraag en aanbod stemmen niet overeen.
Lang weekend.
14e Week
Donderdag
Hete koffie in de warme zon. Ovenschotel en fruit op het centrum. Karla in een korte jurk met een grote hoed op, feestelijk.
Doorgeven.
Het is geen verdienste dat je bijzondere talenten of gaven hebt, of een goed stel hersens, onbevreesd bent of van rijke komaf. De verdienste is dat je het ziet als een geschenk dat je mag doorgeven.
15e Week
maandag
Drie nieuwen vandaag.
Boris: lang van stof breed van lichaam, in de clinch met z’n vader.
Ellen: rationeel, product belangrijker dan proces, combineren van gezin en loopbaan.
Isabel: hoge eisen en verwachtingen, depressie op haar 13e , 22e en 31e .
Uitvallende uren, groep zonder therapeut, en de problemen van acht mensen erbij zijn niet bevorderlijk voor het vertrouwen in een goede afloop.
Wat heb ik eraan? Wat moet ik met al dat gepraat? Ben ik hier wel op m’n plaats? zijn hun eerste reacties.
Weekend & week
Isabel schrok van Tom. “Zien ze er zó gezond uit hier?”
Psycho
Gerben weigert moeite te doen om emotionele vaardigheden te verwerven.
Boris, meteen aan de slag, vertelt over de verstikkende moraal in een christelijke leefgemeenschap.
Isabel sleept zich morgen naar het dagcentrum, belooft ze. “Stort ik in? Moet ik ergens anders heen?”
woensdag
Psycho
Yvette over haar vader. Haar vader betrok haar al vroeg bij zijn zorgen. Ze heeft zich nooit tegen hem kunnen afzetten. Hij belastte zijn dochters met hoge verwachtingen.
Het verhaal van Yvette licht de deksel van de beerput van Boris. Een opstandige oudste broer die het gevecht aangaat met de brute lompe vader.
Dreigende messen, dreigende taal vooral. Boris ondergaat het als iemand die per ongeluk bij de verkeerde film zit, een horror, en de zaal niet meer uit kan.
De horror wordt een nachtmerrie als de strijdende partijen hem in het gevecht willen betrekken. Hij heeft een enorme kwaadheid tegen z’n vader ontwikkeld.
Hij verwijt zijn vader de dood van zijn moeder.
Boris weet niet van ophouden totdat Isabel hem op Yvette wijst. Yvette vindt het wel goed zo. Heel bekend voor haar: anderen die voorgaan.
BAC (Buitenactiviteit)
Balletje in gaatjes mikken. Overal hindernissen. Isabel ziet het als een prestatie die ze moet leveren en slaat vaak over de bal heen.
Als je het resultaat niet belangrijk vindt en je persoon niet ophangt aan onbenullige bezigheden gaat het makkelijker. En met meer plezier.
Na een poosje komt ze wat los. Er is wederzijdse herkenning. Ik voel me fysiek tot haar aangetrokken. Ze is onzeker en kwetsbaar.
“Doe je me geen pijn?” vraagt ze.
Boris tegen mij: “Ik deel jou in bij de kunstenaars. Arrogant. Tot in details, en meer dan duidelijk, gevoelens tentoonstellen. Dingen zo precies mogelijk willen benoemen.”
Boris deelt zichzelf nergens bij in. Hij past zich aan aan zijn omgeving, probeert dat tenminste.
Indelen bij de kameleons?
donderdag
De nacht vermoeit.
Thema
‘Veiligheid’
Associaties: vertrouwen - bekend met de gang van zaken – herkenning en begrip – geaccepteerd worden – erbij horen – genegenheid.
Het is zoeken naar woorden, naar gevoel. Meer hoofd dan hart. Thema’s leven niet echt.
Veilig is de baby aan de borst. Veilig is me op m’n gemak voelen en mezelf kunnen zijn. Veiligheid is voor mij een zaak van de binnenkant.
Isabel ziet er aantrekkelijk uit met haar haren los.
Middagpauze
“Thuis ben ik een meisje van acht. Ik weet dat ik acht ben. Ik hang enorm aan mijn vriend. Ik lul ‘m suf.
Hier gedraag ik me heel anders. Veel stoerder dan ik ben. Ik hou nog zoveel op.”
Isabel. Ze woont tijdelijk bij haar ouders en gaat verhuizen naar een zelfstandige woonruimte.
“Je ziet er aantrekkelijk uit,” zeg ik. “Ik ben ijdel,” reageert ze. “En zo heb ik tenminste nog ergens controle over.”
Ik ga weg als Erik een tijdje met het gesprek meedoet. “Ik heb je tijd genomen,” zegt ze bij mijn weggaan.
Afsluiting van de week
Ellen hoopt dat ‘de oude groep’ (degenen die er langer zitten dan de nieuwen) wat beter voor haar zorgt.
Het is een duidelijke vraag naar wat meer aandacht en belangstelling voor haar, naar een mate van betrokkenheid bij haar aanwezigheid in het centrum. Deze week en mogelijk ook bij de introductiedagen is ze over het hoofd gezien. Het draait allemaal om de anderen.
Gerben voelt spanning als hij Gonny aankijkt. Ik vind ‘m open.
Ik gedraag me vrolijker dan ik me voel.
Isabel sluit af. Vol indrukken. Lopen met de duivel op de hielen. Geen rust, geen ontspanning.
Huilen helpt. Fijne groep.
16e Week
maandag
Weekend & week
Gonny weet wat ze wilt: niet langer de psychotherapeutische dagbehandeling maar iets veiliger waar ze gevoelens als verdriet en woede durft te uiten.
Dat is wat ze nu nodig heeft. ‘Rebalancing’ heet het, een lichaamsgerichte benadering van psychische klachten. Ze heeft geen behoefte om het er verder over te hebben.
In de groep en het centrum vindt ze niet de steun en bevestiging die ze zoekt. Ze zoekt meer gelijkgestemden.
Isabel krijgt hulp van haar familie bij het betrekken van haar nieuwe woning. Ze vindt het moeilijk om blijheid of dankbaarheid te tonen. “Ik weet dat ze hun best doen maar ik voel er niks bij.”
Ellen begrijpt niet goed waarom ze naar de dagbehandeling is gestuurd. Ze voelt zich al een paar maanden prima. De therapeuten peuteren wat aan haar ego. Het blijft intact.
Middagpauze
Wie vertelt het Boris van z’n zweetvoeten? Ik. Met tact, raadt Gonny aan.
Afvalstoffen die via de voeten een uitweg zoeken.
Weg-leren
In de bergklimsport is vertrouwen in elkaar hebben belangrijk. Erik’s gedempte ego komt prettig over. Zou het voor hemzelf prettig zijn?
Zo af en toe zie ik iets kinderlijk-zachts of iets onschuldigs op zijn gezicht. Vanwaar zijn donkere kijk op de wereld? Het stamt al van heel vroeger.
dinsdag
Socio
Ellen over zichzelf. Ze belandt op de psychiatrische afdeling van het ziekenhuis na een poging tot zelfdoding met inslapers.
Baan, gezin, man bijna werkloos: teveel hooi op de vork. Depressie.
Een psychiater stuurt haar naar het dagcentrum met de diagnose ‘emotioneel onvolwassen’. De laatste paar maanden gaat het goed met haar.
Isabel vertelt. Op haar achtste liep ze thuis weg omdat alle aandacht naar haar jongste broertje ging.
Depressies van een jaar, op haar dertiende, tweeëntwintigste en eenendertigste.
Destructief gedrag naar degenen waar ze het meest om geeft. Ze snapt niet dat haar vriend nog bij haar is. Ze wilt graag individuele begeleiding voor haar moeilijkste probleem.
Crea
Mannen: maak iets over jezelf.
Vrouwen: maak iets over de mannen.
Ik word uitgebeeld als een bloem met scherpe naalden. Leuk om te zien van een afstand, stekelig als je er aan komt.
Afsluiting
Ellen voelt zich er nu meer bij horen. En Boris is boos omdat hij zijn ei niet kwijt kan: hij wordt beperkt in zijn uitweidingen.
Dan was er gisteren nog het tasje van Isabel. Heel open in onze groepsruimte. Dat symboliseert voor mij de openheid waar ze een begin mee heeft gemaakt.
Tabé. De afstand die in een stem doorklinkt. Toontaal.
woensdag
Buitenactiviteit
Je afzetten zonder weerstand, dat gaat niet.
Vooruitkomen op rolschaatsen doe je door je benen en voeten wat zijwaarts naar buiten toe te bewegen. Je zet je min of meer haaks op de rolrichting af.
Voor mij is rolschaatsen nieuw. Tom legt uit waar ik op moet letten. Hij heeft graag dat ik aan het rollen sla.
Ik vind het fijn dat hij op me let en steeds weer even terugkomt om me te helpen. Geen lange verhalen, gewoon dit en dat moet je doen.
En als ik dan aan het rollen raak steken we de duim tegen elkaar op. Mannen met aandacht voor elkaar. Zo zie ik vriendschap.
De aanmoedigingen van Isabel en Ellen dringen onvoldoende tot mij door. Ik ben minstens twintig keer gevallen.
Vallen en telkens weer opstaan boeit de mensen. Je inspannen om iets te leren, iets te bereiken, wekt waardering.
Boris valt ook. Eén keer. Een ambulance brengt hem naar het ziekenhuis: gebroken heup.
Bij het uitlopen van het station vraagt Isabel welke kant ze op moet. Ik wijs naar wat flats in de verte, even daarvoor vertelde ze dat ze daar woonde.
De essentie van de situatie ontgaat mij, namelijk dat ze het contact met de omgeving kwijt is.
Ik voel dat er iets niet klopt maar stap meteen over dat gevoel heen. Ik had natuurlijk een eindje met haar moeten meelopen tot ze weer contact kreeg met de wereld om haar heen.
Het vrijmoedige alerte reageren wordt gehinderd door mijn sterke gevoel voor haar. Het zorgt voor een averechtse terughoudendheid.
donderdag
Afsluiting van de week
Gonny is gestopt met de therapie bij het dagcentrum.
Isabel praat vlak, alsof ze naar haar eigen stem luistert en ergens anders is. Ze oogt bleek, ernstig en vermoeid.
De wisselwerking tussen geest en lichaam maakt het moeilijk om te bepalen of iets stoffelijks (een tekort aan schildklierhormoon) een oorzaak of een gevolg is van iets onstoffelijks (een depressie).
Volgens de esoterie heet het dat de ziel haar tekorten kenbaar maakt middels lichamelijke en geestelijke symptomen. Zwakke plekken in lichaam en geest veroorzaken bijpassende symptomen.
Zodra de mens zijn tekorten serieus neemt (wat mankeer je?) en hier verandering in aanbrengt - via de weg van bewustzijn, beleving, inzicht, en ander gedrag, verdwijnen de symptomen.
Ik doe verslag van mijn verdriet en mijn omgaan met de warmte en aandacht die ik gisteren kreeg bij het rolschaatsen. Er is gevoel in mijn ogen en mijn stem, ik schaam me nog wat daarvoor.
Mensen zeggen dat ze het fijn vinden dat ze wat aan mij kunnen geven. Dat het binnenkomt zien ze aan mijn houding, mijn gezicht en mijn ogen.
Therapeut: “Blijf eerst maar eens stilstaan bij hoe het voelt om dingen te krijgen. Laat die warmte toe. Je hebt je geopend.”
“Je verschilt van je vader”, zegt Isabel, “door met dezelfde dingen anders om te gaan.”
Weekend.
17e Week
maandag
Ellen kan zeer vaardig ruzie maken en meningsverschillen uitvechten. Op het centrum blijft ze nog een beetje de jurist.
Weekend & week
Erik gaat op vakantie buiten de ‘bedrijfsvakantie’.
Op vakantie gaan en twee weken niet deelnemen aan de behandeling wordt beschouwd als een contra-indicatie. Einde A4 voor Erik.
Ik: In een droom vertel ik mijn vader dat hij mij niet mag slaan maar dat hij moet praten. Hij wordt daarop heel boos en heft zijn hand met daarin een mes.
Ik zie mezelf in deze droom als iemand die sociaal vaardig is bij een conflict en voor zichzelf opkomt. Eindelijk zeg ik er iets van.
“Dat stuk is zeker waar,” reageert Henriëtte (therapeut). “Daarnaast is er jouw machtsaandeel in deze strijd. Het kind dat de vader vertelt wat hij moet doen.”
Die strijd, tussen mijn machtige vader en ik, herhaal ik nog steeds zodra ik een strijd aanga met iemand boven mij.
dinsdag
Beetje kwajongensachtig gedrag vandaag. Tamelijk opgewekt. Maar ook: me afzonderen, alleen in de zon op het gras. En me moeilijk een houding weten te geven naar Isabel toe.
Ik ontwijk haar omdat ik haar het liefst in mijn armen wil sluiten, heen en weer wiegend, tot ze in een diepe droomloze slaap valt, veilig en warm opgeborgen in de beschutting van mijn lichaam.
Ik voel me onvrij in haar nabijheid.
10:30
Het voelt prettig om met blote buik en op blote voeten door het centrum te wandelen. Ik gedraag me vrijer en geef me meer bloot.
Sociotherapie
Leeft de relatie-avond? (informatieve avond voor familie en vrienden van cliënten).
Ja en nee. Yvette staat er positief tegenover, gebaseerd op de vorige relatie-avond. Tom: niet mijn ouders. Ik: geen familie. Het idee alleen al.
Al pratend merk ik dat sommige familie toch wel zou kunnen. Mijn moeder zie ik niet door het centrum lopen.
In gedachten neem ik iemand mee die er aantrekkelijk uitziet. Dat pronken met andermans schoonheid speelt een rol in mijn leven.
Afsluiting
Ellen buffert tussen haar echtgenoot en haar moeder. Die twee knokken ín - en buiten haar.
woensdag
De schellen vallen mij van de ogen. Erik, zacht en bedeesd, soms nauwelijks hoorbaar pratend, blijkt ook agressief en autoritair te kunnen zijn.
Naast zijn opvallend zachte, terughoudende, beleefde buitenkant schuilt er ergens in hem een harde, vernietigende, aanvallende kant.
Het compenserende deel dat zich op onbewaakte momenten een uitweg baant.
Erik slaat dreigende taal uit tegen Gerben. Tussen de middag ook al tegen mij. Na het eten poets ik meestal mijn tanden.
Erik, naast mij: “Wat als ik jouw jarenlang gepoetste tandjes nou eens uit je bek zou slaan?”
Ellen vraagt om een team-evaluatie naast de eigen evaluatie. Gérard neemt het mee. Er is behoefte aan meer inbreng van de therapeuten, aan een duidelijker opstelling.
donderdag
Ik kan er soms moeilijk tegen dat mijn overtuiging niet door de ander wordt gedeeld.
Fel naar Henriëtte (sociotherapeut) over het mogen laten zien van ‘ongezonde gevoelens en gedachten’ - je donkere kant.
Het recht om alles van je te mogen laten zien, zonder afkeuring, vind ik de basis voor iedere therapie.
Afsluiting van de week
Yvette gaat leuke dingen doen in het weekend. Henriëtte (sociotherapeut): “En wat doe je met je boosheid?”
Ze ziet er leuk en zelfverzekerd uit, Yvette.
Harde woorden zijn er gevallen tussen Ellen en haar moeder die in het ziekenhuis ligt en die ze met u aanspreekt.
Het is oorlog tussen de echtgenoot van Ellen en haar moeder, en zij zit ertussen.
“Als jullie zo doorgaan, beland ik weer in het ziekenhuis,” waarschuwt ze.
“Spreek je uit Ellen, naar de groep, naar je moeder.” (Henriëtte).
Ze moet even huilen als Tom zegt dat ze ook tussendoor mag vertellen als er wat met haar is.
Moeders.
Isabel oogt gespannen en vermoeid:
“Het gaat slecht met mij en ik voel niks, het kan me geen moer schelen, ik voel geen verdriet.”
Haar stem trilt. Huilend loopt ze de groep uit, roepend dat het allemaal tóch geen zin heeft. Op de gang huilt ze nog harder.
Tom erachteraan. Daarna Yvette. En tenslotte Erik.
“Soms is het goed even naar iemand die wegloopt toe te gaan. Even troosten, maar met de intentie daarna weer terug te keren.” zegt Henriëtte.
Weekend.
18e Week
maandag
Weekend & week
Isabel bewaakt haar grenzen beter. Haar vader en broer geven duidelijk aan wat ze wel en niet willen. Dat stelt ze op prijs.
Dat voelt gemakkelijker dan bij mensen die iets voor haar doen zonder het echt te willen. Dat bezwaart.
Middagpauze
Ik zonder me af. Eigenlijk wil ik alleen contact met Isabel, of misschien moet ik zeggen met de Isabels.
In het gras in de zon, zittend of languit op onze rug of onze buik. Aftastend. Met blikken, met woorden, met stiltes.
Vermijd ik alsmaar de dingen die ik nodig heb?
Voorbereiden van de BAC (Buitenactiviteit)
Het corps buigt zich over mogelijke BAC’s. Ik vind mezelf een matige voorzitter.
Nieuwe groepsleden: Ans, ze heeft iets met orgels en het klooster. En Victor, bijna-econoom, lult overal overheen en doorheen.
Psycho (psychotherapie)
De doorbraak van Ellen. Haar wrevels jegens haar moeder, die ze jarenlang voor zich heeft gehouden, heeft ze geuit. Tegen haar moeder en met gevoel.
Dat lucht op. Ze ziet er opgelucht uit. Leve Ellen!
dinsdag
Socio (sociotherapie)
Wat maakt dat ik me makkelijker laat zien in een vier of zes ogen gesprek dan in een groepsgesprek?
Is ‘t het zitten op stoelen en het ontbreken van iets ertussen zoals een tafel? Is praten tegen meer mensen altijd anders, moeilijker - wie kijk je aan, tegen wie heb je het?
“Nee” zegt Yvette. “Ik had dat ook, in het begin. Nu niet meer. Het zit van binnen, in je.
Als je je van binnen onveilig voelt, zal de groep onveilig blijven.” Het spreekt me wel aan. Binnen is de basis.
“Misschien heb je meer behoefte aan nabijheid, nu je je opener bent gaan opstellen,” oppert Henriëtte.
“Die nabijheid daar ben je bang voor, maar tegelijk wil je ‘m onderzoeken.”
Victor weet niet goed hoe contacten te leggen met mensen, zodra er geen gelegenheid meer wordt geschapen door derden.
Het lijkt wel een typische kwaal bij mannelijke cliënten: hoe maak je contact met iemand die je aantrekkelijk vindt, hoe start je een vriendschap?
Crea
Totem kleien.
Een symbolische worp van een brok klei naar m’n kruis. Ze kan goed mikken, Isabel. Ik zal wel iets gedaan of gezegd hebben.
Afsluiting
Ellen vindt dat ze wel naar huis kan. Het gaat erg snel bij haar. Ze wilt naar haar kinderen en naar haar eigen dingen. Meer therapie vindt ze niet nodig.
Yvette heeft zich opgegeven voor een rechtenstudie. Rechten interesseren haar geen moer. Ze is nog niet toe aan een keuze, concluderen de therapeuten. De A2-groep dan?
Isabel zit zo vol dingen die dwarsliggen dat het verstopt is geraakt. Ze kan niet alleen zijn. Er wacht een leeg huis voor haar alleen.
Advies: “Thuis is om te eten en te slapen. Je kúnt het, praten over jouw dingen. Ga er mee door, hier in het centrum. Hou contact. Of maak telkens weer opnieuw contact.”
woensdag
Psycho
Via mijn autoritaire vader kom ik op Tom.
Tom boezemt mij angst in met zijn harde gooien. Hij vertegenwoordigt voor mij de sterkste in een ongelijkwaardige strijd - mijn vader - en maakt in mij een spontane woede los.
Ik speel op de man, niet langer op de bal.
Als Tom dit hoort verstrakt hij en voegt hij me dreigend toe dat, mocht hij dit ooit merken, hij ook op de man gaat spelen, en niet te zachtjes.
De groep houdt zich geruime tijd met Tom bezig. Ik zit er voor spek en bonen bij, zo voelt het. Ik realiseer me dat het meer van hetzelfde is.
Niemand die zich met mij bemoeit, die het voor mij opneemt. In gedachten zet ik me af tegen de groep, tegen de therapeuten vooral.
Ik beantwoord geen vraag meer en hou mijn ogen gesloten. De groep voelt zich ongemakkelijk en mensen verlaten het lokaal.
Als ik m’n ogen open - ik ben van plan te vertrekken, voorgoed? - doet Tom de deur dicht en vraagt of ik wil praten.
Ik scheld op de therapie, barst in huilen uit en zeg tegen Tom dat we elkaar veel verdriet doen. Huilend hangen we in elkaars armen.
We spreken af dat ik aan zal geven wanneer iets in hem mij boos maakt.
Ik ben blij dat Tom is gebleven.
De groep reageert opgelucht en belonend. Toch zwemmen. Tom en ik doen extra voorzichtig met elkaar, de rest van de dag.
Buitenactiviteit
Ellen is heel stil. Later zit ze zachtjes te huilen. Ze heeft verdriet om haar afgedwongen aanwezigheid op het centrum.
donderdag
Al die woorden, onnadenkend uitgesproken of anders begrepen dan bedoeld.
Minstens zo belangrijk is de aandacht, naar binnen en naar buiten toe, en de stilte om het eigen weten een stem te geven. Vrij en ontspannen luisteren naar mensen.
Middagpauze
Ik zonder me af en zou liever blijven zitten dan naar crea gaan.
“Op het moment dat je niet meer gaat maar blijft zitten, ben je genezen” zegt Ellen.
Afsluiting van de week
Ellen voelt zich makkelijker verdrietig dan boos.
Victor moet leren luisteren. Hij presenteert zich sympathiek.
Ik noem seksualiteit, identiteit, en het winnen van de liefde van je ouders.
Therapeut: “Zou het niet zo moeten zijn dat je de liefde van je ouders onvoorwaardelijk krijgt, dat je die als kind niet hoeft te winnen?”
Ja, zo zou het moeten zijn.
“En, dat iemand voor jou winnen, dat kun je best eens loslaten. Mensen komen ook uit zichzelf naar je toe.
Oefen dat eens, mensen niet voor je proberen te winnen maar gewoon toelaten.”
Erik’s laatste uur op het dagcentrum is geslagen. Hij snoert ons de mond met teveel en te koud ijs.
Afscheidszoenen. Afscheidshanden. Afscheidswoorden.
Op de gang barst Isabel spontaan in een huilbui uit. “Wat is er dan?” stamel ik onthand. “Niks.”
Ze verliest in Erik iemand waar ze mee kan lachen en praten. En dan de angst: Erik heeft geen baat gehad bij deze behandeling. Er is geen enkele garantie dat je er beter van wordt.
Wat mensen raakt. Daar gaat het om.
Weekend.
19e Week
maandag
Weekend & week
Tom voelt zich gespannen maar hij ziet er rustiger uit, minder hanig, stiller. Hij blijft dichter bij zichzelf, heeft minder op te houden, zo lijkt het.
Het voelt aangenamer aan mijn ogen, deze kant van Tom.
Zonder zijn partner onderneemt hij niet veel. Die tweezaamheid zoekt hij ook op het centrum, voorheen bij Gonny en nu bij Yvette en Isabel.
Psycho
Isabel graaft in haar berg voor het helemaal een zootje wordt. Niks aan haar lijkt te deugen, zo brengt ze het.
Ze zwaait met suïcide, apathie en opname. De therapeuten raken niet onder de indruk.
Haar verzorgde uiterlijk leidt de groep af van haar donkere kant.
dinsdag
Sociotherapie
Psycho incognito.
Ans doet verslag van haar opgroeien.
Moeder: een epileptische pianolerares.
Vader kan zijn handen en de rest niet thuishouden: incest en een buitenechtelijk kind elders. Scheiding. Het verleden drukt als een loden last.
Het doet haar goed erover te kunnen praten. Ze huilt en snottert en vertelt een uur lang. Er zit veel woede, pijn en verdriet.
De schrik die de epileptische aanvallen van haar moeder haar bezorgden: “Ieder moment kon ze door een ruit flikkeren of van de trap af stuiteren.
Over haar vader: “Mijn vader, daar heb ik een grenzeloze afkeer van.
Ze staat wantrouwend tegenover mannen.
Op haar negentiende woont ze op kamers en vanaf haar eenentwintigste enkele jaren in een klooster.
Ze wilt een stuk pubertijd overdoen - is altijd heel eenzaam geweest- en leren op eigen benen staan.
Die stoere ruige buitenkant mag dan wel weg.
Middagpauze
Isabel ziet er aangeslagen uit. Heel anders dan vóór de socio. Heeft het te maken met Ans’ verhaal? Of had ze ook tijd gewild?
Afsluiting
Yvette is aan het afbouwen. De opdrachten bij crea vormen een soort van afscheid van een periode in haar leven.
Ze zoekt al lang waardering van mannen die de rol van opvoeder hebben.
Isabel voelt dat iedere dag bij haar ouders er één teveel is. Ze probeert daar alleen nog te eten.
De schok van de schoonheid. Het natuurlijke bewegen, het soepele bukken als bij een atlete.
Een godin in een wit T-shirt die een tegeltje bij Praxis uitzoekt.
Seksualiteit in zomerkleuren en de ironie van de enige ware.
woensdag
Psycho
Wat opvalt bij Tom is zijn verleden, en met name de rol van z’n ouders en z’n naaste familie.
Het valt op omdat hij het daar vrijwel nooit over heeft. Alsof het van geen betekenis is voor zijn heden.
Yvette: “Zijn die aanvallen misschien een soort van protest tegen het alleen zijn?”
Tom huilt ervan. Alleen zijn betekent dat je er in je eentje voor staat. Of dat je je in de steek gelaten voelt.
Tom zoekt zó naar oplossingen dat hij de bestaansgrond van zijn ziekte overslaat.
Middagpauze
Groene eieren. Vergeten dat ik ze op had gezet. Ellen tegen mij: “En jíj kookt thuis?”
Haar opmerking raakt me. Met stemverheffing: “Gewoon vergéten. Snáp ’t dan!”
“Niet zo schreeuwen!” roept Ans.
“Jij moet je mond houden, je komt net kijken!” bulder ik terug.
Ans koelt haar woede buiten. Ik ook weg. Ellen volgt en ik leg uit. Excuses aan Ans.
Ik mag schreeuwen en zij mag haar mond opendoen, dát vooral.
Afsluiting
Ellen: “Ik kan niet boos worden.” Haar boze gevoel wordt gecensureerd door de rede. Haar woede vermomt zich als verdriet.
Ans tegen mij: “Goed dat je je excuses hebt aangeboden. Je werkt op mij als een rode lap op een stier.”
Niemand moet zich geremd voelen onredelijk gedrag te vertonen.
Hoe werkt dat autoritaire in mij?
Isabel dacht gisteren dat ze het diepste punt van haar depressie had bereikt. Niet dus.
“Dat is maar beter ook,” reageert Gérard. “Je moet nog aan de oorzaken werken.”
Hou contact. Blijf uiten wat je voelt, wat je bezig houdt.
Iemand waar je om geeft en omgekeerd, en dat je in haar hart en in haar gedachten bent. Belangrijk zijn in iemands leven.
donderdag
Crea
Achter de wat slome, ongeïnteresseerde, bijna stompzinnige uitdrukking op Yvette’s gezicht gaat een levendige geest schuil.
Juist als ze er zo uitziet zijn er scheppende krachten aan het werk.
Ze is pienterder dan ik. Denkt sneller, doelmatiger en logischer.
Haar niet-afdwalende gedachtengang leidt tot compacte conclusies die vrijwel altijd ter zake zijn. Haar uiten gebeurt schoksgewijs.
Mijn sterke kanten liggen elders. Ik kan bijvoorbeeld snel en raak typeren, en er is nog wat over van mijn ongebreidelde fantasie van vroeger.
Isabel blijft zitten in het crea-lokaal. Ze houdt me staande: “Knokken?”
Ik wimpel dat botweg af door haar te negeren. Dat raakt haar behoorlijk, het niet reageren van mij.
“Ben je boos?”
“Nee, ik heb geen zin om te reageren.”
“Ik mis Erik zo, en Gonny. De groep voelt onveilig,” vervolgt ze.
Ik vertel haar dat mijn gedrag het meeste met mij te maken heeft en veel minder met haar. Het onderscheid, wat bij haar hoort en wat bij mij, kan ze moeilijk maken.
Op de gang troost ik Isabel. We slaan even een arm om elkaar heen en ik strijk door haar haren. Onhandig, want het voelt als verboden: iemand uit de groep met gevoel aanraken.
In de keuken nog even doorgepraat. “Als je weg zou gaan, zou ik je toch achterna komen. Ik word juist boos op jongens die…, nou ja je snapt ’t wel.”
Afsluiting van de week
Ik waardeer Isabel’s initiatief om op mij af te stappen en uitleg te vragen over mijn houding naar haar toe. Het is de belangrijkste stap om iets dat wringt op te lossen: de eerste stap.
Weekend alweer.
20e Week
maandag
Weekend & week
Victor laat zich niet zien op de komende relatieavond van het centrum. Hij wilt niet dat anderen weten dat hij onder behandeling is bij het dagcentrum.
De relatie met zijn ouders verloopt volgens het conflictmodel.
Bij Weg-leren geeft Isabel goed aan wat ze nodig heeft: “Laat je door mij niet afleiden. Blijf gewoon doen wat je doet.
Je hoeft niet per se tegen mij te praten. Het is genoeg dat je er bent.”
Klinkt gezond.
Psycho
Zijn oudere broer was een junk, vertelt Tom. De junk kreeg alle aandacht van het gezin ook als hij er niet was.
De oppassende zoon, Tom, heeft hem te vaak uit de goot moeten rapen. Woedend was Tom op ‘m. En steeds maar weer zijn broer de hand reiken.
De voormalige junk leidt nu een keurig leven met vrouw, baan en kind. Hij is de enige die zijn ouders tutoyeert.
“Ik sta niet open voor de therapie” begint Isabel, terwijl ze in haar boekje met gevoelens en gedachten kijkt. “Het werkt niet.
Alle shit van de anderen in de groep kan ik er niet nog bij hebben.”
dinsdag
Afsluiting
Ellen lucht haar hart over haar thuissituatie. Haar man begint steeds meer op een noodzakelijk kwaad te lijken.
Ze wilt ‘m niet kwijt.
Hij is er alleen voor z’n werk en toont nauwelijks interesse voor voor z’n gezin, z’n vrouw, het huishouden. Het zit te diep voor een dagafsluiting.
Isabel over haar weerstand en verzet tegen de therapeuten.
“Praat erover. Hou het niet voor je.”
Wat anderen van haar denken, hoe ze overkomt, hoe ze begrepen wordt?
“Vráág het.”
Relatieavond (18:45)
Zenuwachtig bij het binnenkomen. Ogen kijken, handen drukken, naam zeggen, naam horen, naam vergeten. Onhandig, onzeker.
En dat terwijl het juist mooi en sterk moet overkomen van jou.
Het ‘zwakke’ durven laten zien, je daar niet voor schamen. Contact houden met je omgeving.
woensdag
Psycho
In hoog tempo passeren Ellen’s man, moeder, kinderen, haar leven en nog meer de revue. Ze vertelt zonder zichtbare emotie.
Haar man wordt gepresenteerd als iemand die zich nauwelijks verantwoordelijk toont voor zijn gezin en zijn vrouw. Het schort ook aan aandacht en genegenheid voor haar.
Ze vindt het moeilijk om in haar eentje in het openbaar te verschijnen: dan denken de mensen dat ik niemand heb die met me meewilt, dat ik zielig of eenzaam ben.
Ze wilt graag weer gaan werken.
Er komt een terugkerende nachtmerrie ter sprake waarin haar kinderen doodgaan.
Het is een hele nare droom die haar achtervolgt, vertelt ze vrijwel onbewogen.
Ik reageer bewogen op het ontbreken van enige emotionele lading.
Na de psycho kom ik in de groepsruimte een huilende Ellen tegen. Ik laat haar alleen met haar verdriet.
Hoe weet ik nou of ze wilt dat ik blijf Theo?
“Vrágen, gewoon vrágen.”
Ze wilt graag dat ik thee voor haar haal. Thee met een koekje. We praten wat.
Haar kinderen in haar nachtmerrie symboliseren iets jeugdigs in haar psyche. Eeuwig-jonge waarden die langzaam doodgaan. Zoiets misschien?
Een baan, haar kinderen, eigen bezigheden die haar voldoening schenken. Wat goeie vrienden. Meer hoeft niet.
Expressie
Ik schrik van mezelf op de video. Ik sta er ietwat scheef en stijf bij. Met een strakke mimiek rond de mond als ik praat. Opgeslagen spanning. Het botst met mijn ijdelheid.
Afsluiting
Zéggen dat je je zenuwachtig voelt doet al een deel van de gespannenheid afnemen. Het verbergen ervan is dan overbodig geworden. Dat verbergen verkrampt en vreet energie.
Lies (psycholoog en psychotherapeut) vertrekt tegelijk met Yvette. In hun analytische kijk verschillen ze niet zoveel. De groep wordt steeds yanger.
Opvallend dat Lies na een paar maanden alweer vertrekt. Het is voor de groep meestal minder goed, die snelle wisseling van behandelaars.
donderdag
Bardo is terug naar Taiwan, heeft daar een baan en gaat binnenkort trouwen.
“Je kent ‘m niet meer terug. Zo zelfverzekerd en stevig.” aldus Henriëtte.
Wat een vrouw al niet teweeg kan brengen. Bardo volgt z’n hart en een gedaanteverwisseling is het gevolg.
Volg je hart en een reservoir van krachten komt tot je beschikking.
Het niet volgen van je hart maakt je gespannen, onrustig, futloos, ziek.
“Je moet ’t niet opschrijven, je moet het doen”, zegt Theo (therapeut Expressie).
Afsluiting van de week
Alle gevoelens serieus nemen. Doen wat goed voelt.
Niet praten, niet luisteren omdat het zo hoort, maar omdat jij het wilt.
De woede van Isabel naar de specialist in het ziekenhuis richt ze tegen haar vriend Joost en zichzelf. Ze schaamt zich voor dat laatste.
Ze zegt het na een lange pauze en ze huilt erbij. Het vóór je houden put je uit.
Weekend
21e Week
maandag
Boos, ongemakkelijk, blij, ontroerd? Zeg het, laat het merken. Reageren vanuit je gevoel. En als dit niet kan, blijf dan tenminste even stilstaan bij wat je voelt van binnen.
Weekend & week
De kroegen waar ik dit weekend was zijn niet mijn wereld.
Is de hele wereld niet mijn wereld? Tranen, veel tranen.
Ik stel mezelf geen termijnen, geen deadlines en kan zo onbeperkt aan blijven klooien.
Tom: de leukste dingen gebeuren onverwacht en spontaan. Als je zoiets gaat zoeken of verwacht dan valt het meestal tegen.
Middagpauze
Met Isabel in de buurt verandert er wat in mijn gevoel. Ik doe mijn best zo gewoon mogelijk tegen haar te doen en weinig naar haar te kijken.
Ik voel de spanning van haar aanwezigheid, aangenaam en onaangenaam tegelijk.
Psycho
Ellen’s evaluerend watervalletje.
Ze heeft bij contacten de neiging om te gaan te vergelijken. In haar werk komt ze vaak Madame Tussauds-mannen tegen.
Ze is nu zonder tegenzin in het dagcentrum.
Lies (psycholoog): “Je ratelt maar door, je staat weinig stil.”
Ellen probeert haar teleurstelling en boosheid te verbergen.
Yvette’s laatste evaluatie: dezelfde poppetjes - alleen dansen ze niet meer zo: vader, moeder, zus.
Aandachtspunten: haar gevoel uiten en wat minder stug in de sociale omgang. Dag Yvette!
Isabel blaast stoom af. Als ze zich isoleert van de mensen gaat het fout. Ze voelt zich onveilig, overal wel.
“Maak het zelf veilig, Isabel. Kom met jouw dingen.” (Henriëtte).
Op de gang ik tegen Isabel:
“Kom je bij sport morgen? Goed voor jou.”
“Hoezó goed voor mij?”
“Oké. Goed voor míj.”
“Dat klinkt al beter.”
dinsdag
Sociotherapie
De veiligheid in de groep.
Wanneer je heftige gevoelens niet uit, meteen of later, dan schep je voor jezelf een onveilige plek of een onveilige situatie.
Soms is er iets dat je weerhoudt om wél meteen de kern van iets dat jou raakt te benoemen.
Het gaat vaak om een persoonlijke ervaring die met verdriet, schaamte, pijn of woede is beladen, of met schuld.
Dan kun je aangeven dat je het voor nu laat bij de gevoelens die je net hebt geuit.
Als iets veel in je los maakt aan gevoelens en gedachten kun je zelf bepalen wat je wel en niet kwijt wilt.
Het uiten van het gevoel geeft een grens aan: hier voelt het pijnlijk, dit raakt me. Je hoeft niet meteen met een verklaring te komen als je dit niet wilt.
Tom wilt weten waarom sommige mensen met een boog om hem heen lopen.
Boris vindt Tom vierkant overkomen. Hij krijgt associaties met zijn broer en zijn vader. Boris kruipt in zijn schulp als Tom zich manifesteert.
Ik: “Het voelt alsof er geen plaats is voor mijn deel als ik met je praat, vooral als het erg afwijkt van het jouwe.”
Ellen: “Je lijkt op mijn overbuurman. Daar durf ik ook niks tegen te zeggen. Zo’n vlotte, goeduitziende jongen. Verder een prima man hoor.”
De sfeer wordt opener, minder gespannen, veiliger zo je wilt.
Er is waardering voor het willen weten van Tom, waarbij hij zich kwetsbaar opstelt.
Dat laatste geldt natuurlijk ook voor degenen die hebben gereageerd.
Isabel vraagt zich af waar ze die woede in haar kwijt kan, en op welke manier.
Ze durft ‘m niet zomaar in het centrum kwijt. Ze wilt er op een aanvaardbare manier van af.
“Dat is een proces.” antwoordt Henriëtte (therapeut). “Dat gaat niet zomaar.
Je kunt de woede-uitbarsting een stap voor zijn door te zeggen dat je je woedend voelt, op het moment dat het speelt.”
In de gang zeg ik tegen Isabel dat ik het leuk vind haar in de vakantie te zien, iets samen te doen. “Dan wisselen we onze telefoonnummers uit, en dan kun je altijd nog zien.”
Ik voel me tot het geheel van haar aangetrokken: hoe ze lacht en tekent, haar gevoel voor humor, haar invoelen, haar ogen, haar smaak van kleren soms.
Middagpauze
Een meer ontspannen sfeer heerst er aan tafel. Niet van buiten lachen als het van binnen niet lacht.
Afsluiting
Ellen is hevig teleurgesteld in de confronterende reactie van Lies (psycholoog) gisteren op haar evaluatie. “Ik voel me onbegrepen.”
Het behandelteam beantwoordt niet aan haar verwachtingen, laat ze weten. Wapengekletter.
Henriëtte: “Met jou komt het vast wel goed, daar zijn we niet bang voor.”
Tom houdt zich groter dan hij zich voelt. Last van benauwdheid. Hij bevindt zich nog in de afbraakfase.
“Je doet het heel goed,” prijzen Gérard en Henriëtte. Tom huilt. Snakt naar adem. Het kost hem veel.
“Waar vind ik veiligheid?” vraagt Isabel. “Bij mezelf? Maar mezelf ben ik kwijt.”
Ik tenslotte: “Doe ik wel genoeg? Nauwelijks symptomen, waar is mijn pijn?”
Henriëtte: “Jij hoeft niet zozeer iets af te breken. Jou zie ik ontdooien, mooi om te zien. Minder hard word je. Je hebt je eigen verhaal en je eigen pijn.”
Gérard: “Bij jou gaat het meer om bewustwording van je verleden, je ouders, hoe dat nu nog speelt.”
woensdag
Snel teleurgesteld als ik m’n zin niet krijg. Op papier lukt gezond gedrag nog wel.
Psychotherapie
Wat Ellen bezighoudt is haar man Martin. Zijn desinteresse in haar, in de kinderen en in het huishouden. Haar verwachtingen naar hem waarin ze steeds weer wordt teleurgesteld.
Ze vertelt zonder emotie over haar poging tot zelfdoding.
“Wat er in me omging toen ik het deed, daar heeft nog nooit iemand naar gevraagd, ook niet in het ziekenhuis.”
Ze vertelt wat er toen in haar omging. Er komt flink wat verdriet vrij.
“Hoe ga je verder? Blijven doorgaan met Martin proberen te veranderen?”
Nog veel verdriet na de psycho, en lekkere cake van Lies. Er ontstaat een gezellige sfeer in de groepsruimte.
donderdag
Ander gedrag – socialer en dichter bij jezelf – kan ervoor zorgen dat je gevoel van eigenwaarde stijgt.
Afsluiting van de week
Henriëtte adviseert Isabelle om tijdens de twee vakantieweken niet teveel te praten met mensen, maar meer samen dingen te dóen.
Gerben en zijn vriendin willen niet dezelfde dingen.
“Uitspreken wat jij wilt maar niet verwachten dat de ander daar in meegaat.”
“Altijd jezelf uitspreken – je gevoel, je verlangens naar de ander toe – anders gaat het wringen en loopt het geheid stuk.
Geduld. Begrip voor de ander. Een relatie is een samenspel.”
Afscheid van Yvette
Bieren en sappen. Grapjes en serieuzere momenten:
“Jij kunt op een onaangename manier zwakke plekken raken,” zegt Yvette tegen mij.
Dat doe ik even later dan ook.
Isabel die al lang aan slapeloosheid lijdt provoceer ik met: “Je wílt gewoon niet slapen.”
“ Probeer je me op de kast te krijgen? ”
“ Nee, in bed natuurlijk. "
“ Jíj durft ! ”
“ Hoe wou je ánders van je slapeloosheid afkomen? ”
De sfeer wordt matter. “Tot over twee weken”, zo neemt Isabel op vlakke toon afscheid van mij. Ik verberg dat ik me geraakt voel.
Later verscheur ik haar telefoonnummer, dat heb ik nou niet meer nodig.
Een gezondere reactie van mij zou zijn geweest: “Bel je me nog? Hoe kan ik nou twee weken zonder jou?”
Waarop zij had kunnen zeggen: “Ja jongen, het leven is afzien.”
En loslaten. Vooral loslaten.
Fijne vakántie!
22e Week
maandag (na twee weken vakantie)
Weekend & week
Hallo, hallo. Hoe ging het ook alweer? Lacherig, drukker dan anders. Ik ontwijk de blik van Isabel.
Ans heeft gehooid. Lekker ongecompliceerd met mensen omgaan. Eindelijk eens geen problemen.
Henriëtte tegen Isabel: “Kun je de dingen die Joost je niet geeft hier in de groep krijgen?”
“Nee. Ik wil ze juist van Joost. Niet van m’n ouders. Niet van de groep. Van Joost!”
“Heb het maar eens over je teleurstellingen, Isabel.”
Sommige relaties bestaan bij de gratie van het onthouden. Het geven zou wel eens het einde van de relatie kunnen betekenen.
Middagpauze
Ik vertel Isabel dat ik haar nummer verscheurd heb en waarom. Ze maakt duidelijk dat haar gedrag weinig met mij te maken heeft, maar vooral met zichzelf.
Ietwat stekelig stel ik voor dat ze een cursus ‘Slapen voor beginners’ geeft bij Weg-leren.
Peuter ik contact los?
De afvallige Erik, terug uit de bergen, toont zich in de eetzaal. Blijkbaar moet hij nog wat regelen op het centrum.
Brede glimlach. Priemende blik met onbeweeglijke ogen en een wat bevroren mimiek rond de mond. Te weinig stemvolume.
Snel werk vinden is zijn doel.
Weg-leren
Yogales van Isabel. Ze doet het goed, vind ik: stem, houding, voordoen en begeleiden. Het mag wat langzamer.
Kennisoverdracht ligt haar wel zo te zien.
Psycho
Tot half september wordt de groepspsychotherapie begeleid door enkel Henny (sociotherapeut).
Na de psycho concluderen Gerben, Isabel en ik dat het goed is om van jezelf te weten wat je wel en wat je niet vertelt in de groep.
Je kunt dat aangeven met: ‘Dit is wat ik nu kwijt wil’.
Niet alles kun je in een groep kwijt. Jijzelf bent de maatstaf.
dinsdag
Leren door te oefenen. Oefenen kost moeite en tijd en vraagt om oplettendheid.
Socio
Kleine groep, vijf mannen drie vrouwen. Andere sfeer.
Henny: “Hou je eigen doelen en belangen in de gaten.”
Afsluiting
Als Tom de instemming van anderen niet krijgt, gaat er iets wringen.
Wat ook gaat wringen is dingen doen uit plichtsbesef, in plaats van uit overtuiging of omdat je er zin in hebt.
En al dat wringen vóór je houden, om de lieve vrede te bewaren, veroorzaakt spanning.
Die dingen spelen ook bij hem thuis.
De vriend van Isabel, Joost, weigert om vadertje en moedertje te spelen, met Isabel in een dubbelrol als hulpbehoevend moedertje en als aandacht eisend opstandig kind.
Joost wilt een partner, geen kind. Iemand die naast hem staat.
Je kunt hulp vragen. Niet aan je ouders, niet aan Joost. Aan de groep. Vertel maar wat je tegenkomt, waar het moeilijk wordt,” adviseert Henriëtte.
donderdag
Thema
‘Zelfbeeld’
Henriëtte adviseert:
Als je je anders voordoet dan je je voelt, raak je steeds verder van huis.
Probeer dicht bij jezelf te blijven, bij wat je voelt, bij je behoeftes en verlangens, bij je angsten.
Wanneer het niet mogelijk is te doen zoals je je voelt: wees je hiervan bewust en zorg dat het tijdelijk is.
Jijzelf bent de maatstaf, niet de anderen, niet wat (jij denkt dat) anderen verwachten, niet wat anderen vinden. Jíj bent het die voor jou moet voelen, nadenken, herkennen, uiten.
Henriëtte’s reageren op de inbreng van de groep ontroert mij. Ik ben nogal stil.
Afsluiting: geen notities.
Weekend.
23e Week
dinsdag
Sociotherapie
Tussentijdse evaluaties van Tom (vier maanden) en Isabel (twee maanden).
Isabel ziet er zeer gespannen en slecht uit. Ze volgt exact de vragenlijst van het centrum.
De spanning wordt te hoog en ontlaadt zich in een huilbui. Weg uit de groep en weer terug.
Haar gezicht ziet er nu meer ontspannen uit, echter en zachter. Huilen maakt mooi, of beter: ontspannen maakt mooi.
Ze vervolgt. Het voelt niet beter na twee maanden dagbehandeling.
Maar ze doet nu wel dingen waar ze voorheen alleen maar angstig aan kon denken: op zichzelf wonen, de dagbehandeling volgen.
Ze probeert ander gedrag uit naar haar ouders en naar Joost: minder vernietigend, minder afhankelijk.
Het niet kunnen slapen vormt een belemmering voor de behandeling.
Ze krijgt complimenten uit de groep. Ik vind haar echter geworden, minder aanpassend en verzorgend, meer zichzelf.
Na haar evaluatie zit ze er bij als een gesloten schelp. Ineengedoken, hoofd omlaag, ogen dicht. Weg van de rest, weg van de wereld.
Tom’s evaluatie staat in het teken van de vooruitgang. Iedereen vindt hem veranderd.
Zachter, opener, gevoeliger, minder bedreigend. En sinds kort het verleden erbij betrekkend. Tom is er nog lang niet, maar wel op de goede weg.
Zijn agressie laat hij zien bij de PMT-competities. Hij is serieuzer bezig dan in het begin.
Psychotherapie
Boris raakt over zijn toeren bij kritiek.
Zijn zelfvertrouwen is als een vlieger. De wereld buiten hem regelt de wind.
Ik voel niks bij zijn emotionele verhaal; ook niet vanochtend bij de evaluatie van Isabel.
“Ik ga niet mee in jouw drama, ik sta er buiten”, verklaar ik Boris. Hij gaat huilen.
“Je hoeft niet mee te gaan, maar je kunt wel respect tonen”, reageert Isabel.
Ik sluit mezelf buiten door mijn gedrag, door wat ik teweeg breng bij mensen, en ik zonder mij af. Krijg de neiging om verder weg te gaan.
Ik word geconfronteerd met mijn gebrek aan invoelingsvermogen, mijn ongevoeligheid voor de kwetsbaarheid van andere mensen.
Iets wat ik al lang weet. Het is het karma van het gezin waaruit ik stam.
Afsluiting
Isabel over mijn kwetsende opmerkingen naar haar toe: doe ik het expres? Nee, niet dat ik weet.
Het is vervelend voor hen, al worden ze er ook sterker van, maar vooral slecht voor mijzelf.
Ik stoot er mensen mee af, ook degenen die ik mag, raak erdoor geïsoleerd, sluit me buiten de mensen.
Gérard (sociotherapeut) verdedigt mij: “Dit gedrag is een van jouw problemen.
We kunnen niet verwachten dat je het niet laat zien, of dat je er een tactische draai aan geeft.
Doe er wat mee.”
donderdag
De omgang met mensen vereist een inzet op gevoelsniveau en een dosis durf.
En respect, dat was ik bijna vergeten.
Gisteren ben ik niet naar het dagcentrum gegaan.
Weg-leren
Er zijn zes mensen aanwezig. Voorstellen voor thema’s:
- Alleen zijn en samen zijn
- Wat geeft zin aan mijn leven of zou zin kunnen geven? Waardoor krijg ik zin in het leven?
- Levenslust en doodsverlangen
Psychotherapie
Spanningen tussen groepsleden.
Met mijn confronterende opmerkingen jaag ik gemakkelijk mensen tegen mij in het harnas.
Meestal hou ik me niet bezig met hetgeen mijn woorden aanrichten.
Boris heeft moeite om zijn inbreng helder en compact te houden. Kritiek, en begrenzingen die gesteld worden liggen gevoelig.
Middagpauze
Isabel zoekt haar bed op. Ze is redelijk ontspannen en een beetje speels.
Afsluiting van de week
Ik tegen Boris: “ Het is goed dat er dingen gebeuren die je raken, ook al voelt het onaangenaam. "
Ans ligt nog steeds overhoop met haar moeder. Ze zoekt haar niet op in het ziekenhuis, ze gaat leuke dingen doen.
Gerben vindt dat wij te voorzichtig met elkaar omgaan.
De groep wordt even onvoorzichtig naar Gerben toe: Jouw inbreng is vermoeiend en indirect. Je lult er omheen en niet op de juiste toon.
Ik noem mijn behoefte aan lichamelijke en emotionele warmte. Andere vormen van aandacht verwaarloos ik
Henny: “Voor jou is je gevoel tonen aan iemand die jij aardig vindt juist confronterend.
“ Ik vind je aardig”, dat is moeilijker voor jou dan een stekelige opmerking - die hetzelfde beoogt, maar dat terzijde. ”
Henny: “ Zodra je de neiging voelt de ander niet de eigen ruimte te geven en tekort te doen, door het plaatsen van een stekelige opmerking,
ga dan eens te rade waar jij jezélf in je ruimte beknot en tekort doet.”
Mijn stekeligheden zijn signalen voor mijzelf, die ik niet als zodanig oppik.
Lastig hoor, die therapeutentaal.
24e Week
maandag
Weekend & week
Na Victor en de breedsprakige Boris poneer ik wederom mijn behoefte aan echt menselijk contact, fysieke warmte, geborgenheid.
Het lijkt op een soort bestelling die ik plaats.
Andere vormen van aandacht niet weggooien Welk soort aandacht kun je van wie verwachten?
Mijn overdreven gerichtheid op deze verlangens bemoeilijkt de vervulling ervan.
Loslaten luidt de tegenstrijdigheid. Nu houden mijn behoeften zich meer bezig met mij dan ik met hen.
dinsdag
PMT (Psychomotorische therapie)
Bij het balspel mag Isabel van zichzelf geen fouten maken. Ze staat niet open voor adviezen.
Tijdens het douchen en föhnen vind ik haar kil en afwijzend op mij reageren.
Ik ben erg gevoelig voor het gedrag van degene tot wie ik me aangetrokken voel. Klank, intonatie en gebaar kunnen mij een gevoel van teleurstelling bezorgen.
Ik beantwoord dat met het afwijzen van de ander.
Eígenlijk wil ik dat ze mij mag en haar laten merken dat ik haar mag.
Middagpauze
In m’n eentje in de gymzaal hou ik m’n verdriet voor mezelf. Nog te moeilijk om het te delen.
Ik constateer bij mezelf een tekort aan menselijke warmte. En een overgevoeligheid voor het gedrag van degenen tot wie ik me aangetrokken voel.
Juist zij maken het meeste bij mij wakker. Bij hen zoek ik een gevoel van warmte, van: ik mag je graag.
Iets kleins - een klank, een gebaar - kan deze verwachting de grond in boren, waarop ik stug en gesloten reageer.
Isabel’s stemgeluid – hoog, dun, kil en monotoon – irriteert me. Het voelt onprettig als zij in de buurt komt.
Afsluiting
Tijd voor jezelf nemen in de groep heeft te maken met durf en over een drempel heen stappen en voor jezelf opkomen.
woensdag
Sociale vaardigheden
“Jij hebt streken,” laat de gedragspsycholoog Jan mij weten. “Jij doet je anders voor dan jij je voelt of dan je zou willen.
Daarmee neem je niet alleen jezelf niet serieus, maar ook de ander niet. De ander komt zo niet echt aan bod, al lijkt het wel zo.
Hij heeft wel een punt.
Je echte zelf laten zien betekent dat ook je kwetsbaarheden en je illusies aan bod kunnen komen.
Daar is vertrouwen in jezelf en in de ander voor nodig, en de overtuiging dat je mag zijn zoals je bent.
Je kunt er aan werken, zijn wie je bent, door alsmaar weer stil te staan bij: wat wil ik (nu), waar heb ik (nu) behoefte aan, wat vind ik fijn.
Ook en juist bij kleine dingen als eten en drinken, iets bestellen in een restaurant, ergens op ingaan, ja of nee zeggen.
Weet je het niet, zeg dan: ik weet het nu niet. Zeg niet: het maakt me niet uit, alles is goed.
Expressie
Vier minuten radio maken.
Mijn suggestie: ‘Lekker fel bij Isabel’, vindt geen weerklank bij de gelijknamige presentator.
Het idee was dat luisteraars konden inbellen en zonder terughoudendheid spuien wat hen dwars zat.
Isabel voelt zich makkelijk aangevallen en ik voel me even makkelijk afgewezen, met als resultaat vier minuten radiostilte.
Middagpauze
Isabel voelt zich erg gespannen, ze trilt ervan. Ze praat erover.
Even later zegt ze dat zij en ik op een ongezonde manier met elkaar omgaan.
We zijn extra gevoelig voor het gedrag van de ander, ervaren het al gauw als een aanval of een afwijzing.
“Ik wil dat wij volwassener met elkaar omgaan, zo kan het niet.” Ze heeft er last van.
Haar mooi-gevormde duim valt me op. Ze heeft kleine slanke handen en is blij met het compliment. Ik help haar met een sok.
BAC (buitenactiviteit)
Het is een komisch gezicht: Gerben op een mechanisch paard in volle draf. Hij wordt flink door elkaar geschud. En wij ook, van het lachen.
Ellen stopt voortijdig met de rit, ze wordt bang. En Isabel zit ook niet lekker. Galoppeert ze over een van haar grenzen heen?
“Als ik geen weerstand meer heb laat ik het maar over me heenkomen.”
Ze neemt mat en wezenloos afscheid. Ver weg van mij.
donderdag
Thema
‘Alleen zijn, samen zijn’
Ellen loopt weg uit de groep als Gerben zijn geromantiseerde man-vrouw-samen beeld schetst.
Later blijkt dat haar teleurstellingen op dit terrein het haar uit wilden doen schreeuwen. Samenzijn is geen garantie voor geluk.
Ze is nu niet onder invloed van antidepressiva en ziet er gevoeliger en kleiner uit dan voorheen, meer kind, tegen het huilerige aan.
Een kind dat een beetje ziek in pyjama op de bank geknuffeld wilt worden.
Ze is bang dat op een moment de donkerte van een depressie weer over haar heen zal vallen.
“Niet als je blijft praten. Niet als je uit wat je voelt, als je contact blijft houden met wat je voelt. Dan niet. Dat garandeer ik je.”
De reactie van Henriëtte raakt me.
Afsluiting van de week
Er volgt een uitwisseling van gedachten en gevoelens tussen Isabel en therapeut Henriëtte.
Ze is nu heel kwetsbaar en moet nog kwetsbaarder worden: dat flinke ‘ik-kan-het-er-nog-wel-bij-hebben’ imago afgooien.
De voor de mooie schijn sterke en grote Isabel mag en moet plaatsmaken voor de kleine angstige ik-durf-niet Isabel.
Ze mag haar ontreddering en verwarring laten zien.
Ze heeft het moeilijker dan ik dacht, merk ik nu wat laat. Ze heeft eerder begrip en bevestiging nodig dan confrontatie en spot.
Eerder een streling dan een por. Zeker nu. Ik heb het erover volgende week.
25e Week
maandag
Weekend & week
Ans accepteert het niet langer dat haar vader haar ongevraagd geld toestopt.
Isabel was vrijdag tot niets in staat. Ziekenhuis en haptonoom afgezegd.
Ze moet huilen als ze zich realiseert dat er uiteindelijk maar één iemand is waar ze op kan terugvallen in zo’n situatie (haar vriend Joost).
Het aanschaffen van een geluidsinstallatie voor haar nieuwe woning stuit op morele bezwaren:
“Ik sta dichter bij de dood dan bij het leven. Hoe kan ik in zo’n situatie dan een installatie kopen?”
Dat herinnert mij aan Bardo in wiens hoofd gedachten aan zelfdoding speelden. Erik en ik kwamen toen tot de conclusie: dat doet-ie niet, hij heeft pas nog een een brug laten zetten.
In een theatercafé wilde ik graag dansen en contact maken maar ik durfde niet en schaamde mij daar weer voor.
Eigenlijk moet er op zo’n moment iemand zijn waarbij je je hart kunt luchten, zodat je weer verder kunt.
Van binnen moet het veilig gaan voelen. Dan worden contacten met anderen minder bedreigend.
Als je iemand leuk vindt kun je dat laten merken door aardig te doen, of te vragen om iets samen te doen. Zo kom je er achter hoe de ander tegenover jou staat.
Je stelt je dan kwetsbaar op: de ander kan niks voor je voelen en niks met je willen. Einde illusie.
Door mijn illusies te verruilen voor het echte leven ontstaat de noodzaak om te onderzoeken wat realistisch is en toch bij me past.
Een vriendin adviseert: “ Concreet dingen gaan aanpakken. Niet in illusies blijven steken. Doen.”
Het doen begint met opletten en aandachtig aanwezig zijn, naar binnen en naar buiten.
Crea
Iets leuks voor Ellen. Jezus. Iets van mij voor haar. Iets wat raakt? Ik zou het zo niet weten.
Mijn proces: Ik bedenk wat mogelijkheden waar meestal niks passends uitkomt. Dan leg ik het weg en vergeet het als het ware.
En een poosje later dient zich onverwacht wat aan, of niet. Dat zou dan iets van muziek, of een gedicht of een knuffel kunnen zijn. Waarschijnlijk heel iets anders.
Wat niet werkt: hier is de opdracht, daar liggen de stiften en de klei en over een uur gaan we weer iets anders doen.
En eigenlijk ben ik meer een doorgeefluik dan een schepper.
dinsdag
Thema
‘Seksualiteit’
Mijn eerste seksuele ervaringen zo rond m’n elfde denk ik, met jongens. De jaren daarna bang dat ik homoseksueel zou zijn.
Ik vertel er gemakkelijk over, zonder er iets bij te voelen.
Bij Ellen staat de seks in de ijskast. Martin, haar man, is getrouwd met zijn werk.
De seksuele afwijzing, afgewezen worden als vrouw, beïnvloedt ook andere dingen tussen haar en haar man
Isabel heeft geen seksuele gevoelens tijdens een depressie. Seksualiteit is voor haar niet los te beleven van liefde en verliefdheid.
Gerben wilt graag uitkomen voor zijn seksuele verlangens, bij z’n vriendin. Hij weet niet goed wat hoort en niet hoort, seks als een autonome behoefte bijvoorbeeld.
donderdag
Psycho
Isabel zou graag willen dat er serieus gekeken wordt naar de vitale kenmerken van haar depressie: stoornissen bij slapen, eten en vrijen.
De therapeut van dienst, Henriëtte, houdt het bij de methode van het centrum: praat over wat jou nu bezig houdt. Woede, verdriet, onbegrip, kom er maar mee.
Een brede aanpak van een ziekte met psychische en lichamelijke klachten zou natuurlijk beter zijn.
Gezien de wisselwerking tussen lichaam en geest, is het logisch om ook het lichaam bij de behandeling te betrekken en niet alleen door erover te praten.
De sociale situatie - wonen, relaties, werk, vrije tijd - speelt een belangrijke rol en komt aan bod bij de dagbehandeling.
Spiritualiteit en zingeving zouden wellicht ook kunnen bijdragen aan de genezing.
Afsluiting
Victor vind ik opener over zichzelf en ter zake over anderen in de groep. Hij is goed in staat tot relativeren.
Even spuien wat ze gewoonlijk opkropt. Dat mag Ellen vaker doen.
Boris is opvallend kort, bondig en helder.
Isabel vindt me er zachter uitzien na afloop. Gevoelens van onzekerheid en schaamte, maken die me zacht?
“Je openheid en je kwetsbaar opstellen maken je zacht, echt waar! ”
26e Week
maandag
Weekend & week
Netty, doktersassistente, is nieuw in de groep. Het lijkt alsof ze kalmerende middelen gebruikt.
De symptomen die ze noemt komen deels overeen met die van andere groepsleden:
niet meer in staat om te werken, geen zicht op wat ze wilt en wat ze kan, nergens nog zin in hebben, en het alleen zijn.
Advies aan Tom: preciezer voor jezelf benoemen wat er aan scheelt en dat uitspreken.
Ik merk dat ik iets vaker tussen mensen wil zijn.
Het alleen zijn, alleen doen, alleen voelen is onprettiger dan de gespannenheid die ik in variërende mate in de nabijheid van mensen ervaar.
Socio
Iets inbrengen in de groep doe je als je dat zelf wilt, niet omdat het hoort.
Er is meestal wel een angstdrempel waar je overheen moet. Voor Ans is het een opluchting dit te horen.
Het is belangrijk om te weten wat je drijfveren zijn, wat jou beweegt, je motieven en belangen.
Waarom je iets doet of zegt, of waarom je iets vermijdt of voor je houdt. Spreek deze beweegredenen tenminste naar jezelf toe uit.
Afsluiting
Isabel wilt nooit meer weg uit de A4-groep. Alles is beter dan de leegte achter die voordeur.
dinsdag
Thema
Seksualiteit.
Seksualiteit als een prestatie die moet worden geleverd voelt als een last. Je wordt toeschouwer van jezelf wat het genieten in de weg staat.
Beter: het initiatief meer delen. Passief en actief afwisselen. Minder gericht op de daad zelf, meer op lekkere dingen doen bij elkaar en daarmee in contact blijven.
Belangrijk is steeds: een grote mate van eerlijkheid en openheid in eerste instantie naar jezelf toe.
Er is geen goed of slecht in hetgeen je voelt.
woensdag
15:30 Terrasje met een deel van de groep
Isabel doet amicaal, ze zoekt nabijheid en houdt afstand.
Ik word moe van alle gediepdenk en zou haar liever aan willen raken.
Bij meerdere mensen, vooral in de A-groepen, meen ik doffe, starre, lege ogen te zien. Alsof het gevoel weg is. Ver weg gestopt.
Levende ogen glanzen en sprankelen en bewegen, en laten gevoel zien.
Contact met binnen is contact met buiten, en omgekeerd.
Dagbehandeling maart - september
Nawoord
Na bijna een half jaar psychotherapie, vier dagen in de week, blijf ik nog enkele weken in de A4-groep. De uitgewerkte notities stoppen echter bij de 26e week.
Deze behandeling kent nog een tweede deel, waarbij je een half jaar twee dagen per week op het centrum aanwezig bent.
De nadruk ligt hier meer op hoe je verder wilt in je leven: werk, tijdsbesteding, doelen en eventuele verdere begeleiding.
Hier komen ook ervaringen van groepsleden aan de orde die eerder te pijnlijk waren om te vertellen.
Een misselijkmakende verkrachting, een belemmerende vorm van vaginisme, een kidnapping met verkrachting van een partner. Vaak gaat het om nare seksuele ervaringen.
De leidende psychotherapeut in de A2 groep is een pas aangestelde mannelijke psychiater die de plaats inneemt van Lies , de klinisch psychologe die slechts vier maanden op het dagcentrum heeft gewerkt.
Het klikt niet tussen hem en mij. Hij is analytisch misschien wel goed maar het voelt niet veilig, niet uitnodigend.
Hij drukt zich vaak wat cryptisch uit en is tamelijk autoritair en zakelijk. Zijn gevoel voor humor en zijn scherpzinnigheid wegen daar niet tegen op.
Bij mijn vertrek uit het dagcentrum vraagt hij: "Ben je er beter van geworden, van de therapie, of slechter, of zijn de klachten hetzelfde gebleven?"
Ik zeg dat ik wat opener ben geworden en dat ik vrijwilligerswerk ga doen, maar dat er voor de rest niet veel veranderd is.
Later in het vrijwilligerswerk, en in het betaalde werk daarna, ben ik veel tussen mensen. Toch voel ik me in wezen nog erg alleen.
Er ontstaan wel sociale relaties maar deze zijn te weinig helend en voedend. Ik ben onvoldoende toegerust om in alle eigen belangrijke behoeften te voorzien.
In die zin is een jaar psychotherapie in groepsverband, in deze vorm, voor mij als niet geslaagd te beschouwen.
De fragmenten in het verslag geven een indruk hoe het er aan toe ging in zo’n behandelcentrum, enkele tientallen jaren geleden.
In het dagcentrum zag ik verschillend gedrag: uitbundig en vrolijk, geremd en depressief, niks aan de hand gedrag, veel boosheid ook.
Soms vroeg ik me verschrikt af: ben ik wel ziek genoeg om hier te mogen zijn?
Dat komt denk ik omdat je psyche ook nog een gezond deel kent naast het deel dat ziek is. Gelukkig maar.
Daarnaast zijn psychische stoornissen en klachten lang niet altijd goed zichtbaar.
Ze worden dikwijls weggestopt achter aangepast gedrag - achter een sociaal wenselijke, gespeelde rol.
De dingen zijn vaak niet zoals ze lijken.
Dan nogmaals de vraag over het nut en de werkzaamheid van een dergelijke behandeling, dagelijkse psychotherapie in groepsverband.
De kans dat je er slechter van wordt is niet groot.
Vijftien procent van de cliënten haakte in het vier-dagen-traject voortijdig af en hadden geen of nauwelijks baat bij de behandeling.
Bij de meesten zijn de klachten milder geworden in dat eerste half jaar.
Er is inzicht ontstaan hoe gedachten, gevoelens en gedrag van invloed zijn op de kwaliteit van je leven, en op je geestelijke en lichamelijke gezondheid.
Je krijgt door waar deze niet helpende gedachten, beladen gevoelens en het ongepaste gedrag vandaan komen.
Sommige groepsleden bloeien op of worden zachter van binnen, angsten worden hanteerbaar.
Je wordt er niet per se gelukkiger van. Wel heb je wat gereedschap meegekregen om vaardiger en bewuster om te gaan met hetgeen jouw levenspad kruist.
Het leven zelf is uiteindelijk de beste therapie, als je nieuwsgierig en open de wereld tegemoet treedt en bereidt bent om te leren en te delen.
Soms heb je daarbij wat hulp nodig.